Adolphe Quetelet

Portret van Adolphe Quetelet, Belgische wetenschapper
Portret van Adolphe Quetelet, Belgische wetenschapper

Adolphe Quetelet werd geboren in Gent, toen in de Eerste Franse Republiek, op 22 februari 1796. Hij stierf op 17 februari 1874. In de 19e eeuw was hij actief als astronoom, wiskundige, demograaf, statisticus en socioloog. Hij was de vijfde van negen kinderen van François-Augustin-Jacques-Henri Quételet, die uit Ham kwam en zich na omzwervingen in Gent vestigde. Zijn vader overleed toen Adolphe zeven jaar oud was.

Quetelet studeerde aan het Gentse lycée en rondde er op 17-jarige leeftijd zijn middelbare opleiding af. Op zijn 19e begon hij er wiskunde te geven. In 1819 behaalde hij aan de Universiteit van Gent een doctoraat in de wiskunde en verhuisde hij naar Brussel, waar hij professor werd aan het Athenaeum. Hij zette zich in voor de bouw van een astronomisch observatorium in Brussel, waarvan de voltooiing in 1828 mede het resultaat was van zijn inspanningen. In 1820 werd hij lid van de Koninklijke Academie. Later stond hij aan het hoofd van de Koninklijke Sterrenwacht van Brussel.

Afkomst en loopbaan

Adolphe Quetelet werd geboren in Gante, toen in de Primeira República Francesa en nu in België, op 22 februari 1796. Hij was een 19e-eeuwse astronoom, wiskundige, demograaf, statisticus en socioloog. Quetelet overleed op 17 februari 1874.

Familie en afkomst

Adolphe Quetelet werd geboren in Gent, een Belgische stad die toen deel uitmaakte van de Eerste Franse Republiek. Zijn vader was François-Augustin-Jacques-Henri Quetelet, een Fransman uit de stad Ham. Die had zich na een reis naar het Verenigd Koninkrijk laten naturaliseren als Brit en was daar in contact gekomen met een Schotse edelman voor wie hij secretaris werd. Later vestigde François-Augustin-Jacques-Henri Quetelet zich op 31-jarige leeftijd in Gent. Daar ontmoette hij Françoise Anne Vandervelde, met wie hij negen kinderen kreeg. Adolphe Quetelet was het vijfde kind in het gezin. Toen hij zeven jaar oud was, overleed zijn vader.

Van leraar tot astronoom en statisticus

Adolphe Quételet volgde zijn opleiding aan het Gentse lycée en rondde de middelbare school af op 17 jaar. Twee jaar later begon hij er al wiskunde te onderwijzen. In 1819 behaalde hij aan de Universiteit van Gent een doctoraat in de wiskunde en verhuisde hij naar Brussel, waar hij professor werd aan het Athenaeum. Datzelfde jaar zette hij zich in voor de bouw van een astronomisch observatorium in Brussel, een inspanning die in 1828 resulteerde in de voltooiing van de Brusselse sterrenwacht. In 1820 werd hij lid van de Koninklijke Academie en hij stond ook aan het hoofd van de Koninklijke Sterrenwacht van Brussel.

Zijn belangstelling voor de sterrenkunde bracht hem in 1823 naar Parijs om er astronomie te bestuderen. Kort daarna keerde hij terug naar Brussel, waar hij wetenschappen doceerde in Belgische musea en talen gaf aan het Belgisch Militair College. In 1825 trouwde hij met de dochter van een gerespecteerde regionale arts en muzikante. Samen kregen zij twee kinderen: Ernest en een dochter zonder vermelde naam. Ernest Quételet groeide later uit tot een belangrijk astronoom.

Negen jaar na zijn huwelijk werd Quételet verkozen tot permanent secretaris van de Koninklijke Academie van Wetenschappen, Letteren en Schone Kunsten van België. In 1835 publiceerde hij zijn hoofdwerk, Sur l’homme et le developpement de ses facultes, essai d’une physique sociale. Daarin introduceerde hij het concept van sociale statistiek en het idee van de gemiddelde mens. Later werd hij in 1841 de eerste voorzitter van de Centrale Statistische Commissie. In 1850 werd hij buitenlands lid van de Koninklijke Zweedse Academie van Wetenschappen en in 1853 hielp hij de Eerste Internationale Statistische Congres organiseren.

Gezondheidsproblemen en vertraging

In 1855 kreeg Adolphe Quetelet een beroerte en hij herstelde daar nooit helemaal van. Na die gebeurtenis verminderde hij zijn werktempo. Deze gezondheidsproblemen hadden dus een duidelijke invloed op zijn verdere activiteit.

Overlijden en begrafenis

Adolphe Quetelet overleed in Brussel op 17 februari 1874. Na zijn dood werd hij begraven op het kerkhof van Brussel. Daarmee eindigde zijn leven in de stad waar hij ook zijn laatste dagen doorbracht.

Criminaliteit en sociale statistiek

Adolphe Quetelet geldt als een belangrijke sociaal statisticus die criminologen, sociologen en statistici wereldwijd heeft geïnspireerd. Hij kan worden gezien als een vooruitstrevende denker voor zijn tijd, ondanks zijn radicale statistische positivisme en biologische determinisme. Op criminologisch vlak droeg hij bij door sociologie en statistiek toe te passen op de oorzaken van criminaliteit. Hij was de eerste geleerde die statistische methoden gebruikte om sociale verschijnselen te begrijpen.

Quetelet ging ervan uit dat misdaad niet voortkwam uit de slechtheid van de dader zelf. Volgens hem werd crimineel gedrag verklaard door sociale en situationele factoren die de gemiddelde mens beïnvloeden. Op basis van statistische en demografische analyse stelde hij vast dat de oorzaken van criminaliteit lagen in sociale en situationele omgevingen, waarbij fysiologie en biologie ook een rol speelden. Hij beschouwde crimineel gedrag als iets dat in het algemeen vaste patronen volgt en meende dat het identificeren van specifieke regels achter misdaad kon helpen om de oorzaken ervan te vinden.

Quetelet wilde zowel de oorzaken van criminaliteit als de sociale situaties met een hogere terugkeer van misdaad opsporen. Hij stelde ideeën voor aan de Franse regering om criminaliteit te verminderen en richtte verschillende tijdschriften en verenigingen van nationale en internationale geleerden op om criminaliteit te bespreken. Zijn werk wordt nog steeds erkend, ook door critici zoals Durkheim, om zijn belang voor de sociologie en criminologie, en het blijft discussie oproepen in de criminologie.

Van wiskundeleraar tot astronoom

Adolphe Quetelet begon zijn loopbaan als wiskundeleraar. Zijn hoofdvak was wiskunde, en in Brussel gaf hij ook cursussen en lezingen over waarschijnlijkheidsleer. In 1823 vroeg hij, toen hij professor was, bij het Ministerie van Onderwijs om een sterrenwacht in Brussel te laten oprichten. In datzelfde jaar trok hij naar Parijs om zich verder te verdiepen in de astronomie. Daar zocht hij ook contact met wetenschappers die de basis legden voor de waarschijnlijkheidstheorie.

Zijn belangstelling voor waarschijnlijkheidsleer kreeg nadien een duidelijke plaats in zijn werk. In 1828 publiceerde hij het boek Sur le calcul des probabilites. Datzelfde jaar werd hij benoemd tot de eerste astronoom van de Koninklijke Sterrenwacht van Brussel. Naast zijn werk aan de sterrenwacht gaf hij ook lezingen over astronomie in het Museum van Brussel.

Later werkte Quetelet zijn ideeën verder uit in Letters on Probability uit 1846 en Du systeme social uit 1848. Zijn denkwerk oefende invloed uit op economische denkers, onder wie William Stanley Jevons. Hij correspondeerde ook met Thomas Malthus en was samen met hem, Charles Babbage, William Whewell en Richard Jones medeoprichter van de Statistical Society of London.

Bijdrage aan de lichaamsmassamaat

In Sur l'homme et le development de ses facultés stelde Quetelet een criterium voor dat de verhouding tussen lichaamsmassa en lengte moest weergeven. Dit criterium staat nu bekend als de Body Mass Index, of BMI. De BMI wordt berekend door de massa in kilogram te delen door de lengte in meter in het kwadraat. De Wereldgezondheidsorganisatie gebruikt dit criterium om obesitas te beoordelen.

Sociale fysica en de gemiddelde mens

In zijn werk Sur l'homme et le developpement de ses facultés wilde Quetelet de samenleving en de handelingen van individuen wetenschappelijk begrijpen. Hij stelde het concept van sociale fysica voor, waarbij menselijk gedrag wordt bepaald door de omgeving. Volgens hem heeft gedrag oorzaken en gevolgen, en spelen sociale verwachtingen een rol in de keuzes die mensen maken. Quetelet ging ervan uit dat de wetten achter menselijk gedrag ontdekt kunnen worden via onderzoek, praktische kennis en grote steekproeven, al zijn die wetten niet onveranderlijk. Wanneer de oorzaken van menselijk gedrag veranderen, veranderen ook de gevolgen.

Hij beschouwde de mens als deel van een soort en formuleerde in een boek uit 1835 het concept van de gemiddelde mens. Daarbij analyseerde hij het gemiddelde en de spreiding van metingen en het gewicht van mannen met behulp van de normale curve. Ook ontwikkelde hij het begrip statistiek verder en bestudeerde hij de waarschijnlijkheidsleer voor het verzamelen van gegevens over sociale kenmerken. In 1846 stelde hij bovendien voor om volkstellingen te organiseren.

Quetelet leverde ook een belangrijke bijdrage aan de criminologische studies met Sur l'homme et le developpement de ses facultés en Recherches sur le Penchant au Crime aux Différents Ages.

Misdaad en maatschappelijke omstandigheden

In zijn werk over de propensiteit om misdrijven te begaan in verschillende leeftijden verbond Quetelet de studie van de gemiddelde mens met criminaliteit in verschillende landen en sociale klassen. Hij beschouwde misdaad als een product van de sociale organisatie, waarbij seizoen, klimaat, geslacht en leeftijd mee de vorm aannemen. Volgens hem leverden alleen omstandigheden waarin mannen vergelijkbaar en even gunstig geplaatst waren, echte resultaten op. Daaruit leidde hij af dat de oorsprong van misdaad in de samenleving ligt, en niet in het individu.

Quetelet stelde vast dat leeftijd de sterkste invloed heeft op criminaliteit, met de fysieke kracht en de hartstochten op hun hoogtepunt rond 25 jaar. Hij concludeerde ook dat vrouwen vaker misdrijven tegen eigendom plegen dan misdrijven tegen personen, vermoedelijk door zwakte. De zomer bracht meer misdrijven tegen personen en minder misdrijven tegen eigendom met zich mee, terwijl klimaat vooral invloed heeft op misdrijven tegen personen. Verder zag hij dat beroepsgroepen vaker betrokken zijn bij misdrijven tegen personen, terwijl werkende en huishoudelijke klassen meer voorkomen bij misdrijven tegen eigendom. Onderwijs en armoede achtte hij in deze studie niet van betekenis.

Scroll naar boven