
Alexander De Croo is een Nederlandstalige Belgische staatsman uit Vilvoorde en lid van de liberale partij Open VLD. Hij is de zoon van politicus Herman De Croo. Na een eerste, mislukte kandidatuur bij de Europese verkiezingen van 2004 werd hij in datzelfde jaar verkozen tot voorzitter van Open VLD, als opvolger van Guy Verhofstadt. In 2008 speelde hij een rol in de val van de federale regering van Yves Leterme.
De Croo werd in 2011 verkozen tot burgemeester van Brakel. Op federaal niveau was hij onder meer vice-eerste minister en minister van Pensioenen in de regering-Di Rupo, en later vice-eerste minister en minister van Ontwikkelingssamenwerking onder Charles Michel en Sophie Wilmès. In 2018 gaf hij het digitale-agendapakket op en nam hij de portefeuille Financiën over. Na de federale verkiezingen van 2019 werd hij samen met Paul Magnette aangesteld als co-formateur. Vervolgens werd hij eerste minister van een zevenpartijencoalitie als opvolger van Sophie Wilmès. Na de federale verkiezingen van 2024 nam hij ontslag en gaf hij zeven maanden later de macht door aan Bart De Wever. In 2024 keerde hij terug naar het burgemeesterschap van Brakel en werd hij benoemd tot directeur-generaal van het United Nations Development Programme. Hij behaalde in 1998 een master in commercial engineering aan de Vrije Universiteit Brussel, in samenwerking met de Solvay Business School, en volgde daarnaast een master in business administration aan Northwestern University in Chicago. Daarna werkte hij bij Boston Consulting Group en richtte hij het consultancybedrijf Darts-ip op.
- Wie is Alexander De Croo en wat zijn zijn roots?
- Welke opleiding en professionele ervaring heeft Alexander De Croo?
- Hoe begon de politieke carrière van Alexander De Croo?
- Welke federale ministerposten bekleedde De Croo vóór zijn premierschap?
- Hoe werd Alexander De Croo premier van België?
- Wat waren de belangrijkste beleidsdossiers van de regering-De Croo?
- Hoe verliep het einde van het premierschap van De Croo?
- Wat deed Alexander De Croo na zijn premierschap?
Privéleven, familie en achtergrond
Alexander De Croo werd geboren in Vilvoorde. Hij is de zoon van Herman De Croo, een Nederlandstalige liberale politicus met een lange parlementaire carrière, en van Françoise Desguin, advocaat en substituut-rechter. Hij heeft een jongere zus, Ariane. In zijn privéleven is hij gehuwd en vader van twee kinderen.
De politieke achtergrond van zijn vader speelde onmiskenbaar een rol in zijn vroege bewustwording van de Belgische politiek. Toch bouwde Alexander De Croo een geheel eigen loopbaan op, eerst in de privésector en daarna in de partijpolitiek. Dat hij later in Brakel — dezelfde regio als zijn vader — een politieke thuisbasis vond, tekent de dynastieke dimensie van zijn parcours.
Opleiding en professionele loopbaan
Alexander De Croo behaalde in 1998 een master in handelsingenieur aan de Vrije Universiteit Brussel, in samenwerking met de Solvay Business School. Daarna volgde hij een master in business administration aan Northwestern University in Chicago — een van de meest prestigieuze managementopleidingen ter wereld.
Na zijn studies begon hij te werken bij Boston Consulting Group, een internationaal strategisch adviesbureau. Later richtte hij het consultancybedrijf Darts-ip op, gespecialiseerd in de analyse van intellectuele-eigendomsdata. Die zakelijke ervaring gaf hij later als politiek argument voor zijn expertise inzake economisch en digitaal beleid.
Als voormalig consultant en ondernemer trad De Croo de politiek in met een uitgesproken nadruk op economische modernisering en digitale innovatie — een profiel dat hij gedurende zijn volledige ministercarrière consequent uitdroeg.
Politieke doorbraak: van partijvoorzitter tot parlementslid
Alexander De Croo begon zijn politieke carrière met een mislukte kandidatuur bij de Europese verkiezingen van 2004. Nog datzelfde jaar werd hij verkozen tot voorzitter van Open VLD, als opvolger van Guy Verhofstadt. Hij was op dat moment 28 jaar oud, wat hem tot een van de jongste partijvoorzitters in de Belgische politieke geschiedenis maakte.
Zijn zichtbaarheid groeide tijdens de Europese verkiezingen van 7 juni 2009, waarbij hij op de lijst stond onder leiding van voormalig eerste minister Guy Verhofstadt. Hij behaalde 22.236 stemmen maar eindigde op de zestiende plaats onder de liberale kandidaten en werd niet verkozen.
Op 21 april 2010 kondigde De Croo aan dat Open VLD de steun aan de regering-Leterme II introk. Die beslissing vloeide voort uit de weigering om verder te onderhandelen over de splitsing van het kiesarrondissement Brussel-Halle-Vilvoorde. Door het verlies van zijn meerderheid in de Kamer van volksvertegenwoordigers was premier Yves Leterme gedwongen af te treden. Op 26 april 2010 ontbond de Kamer zichzelf, wat leidde tot vervroegde federale verkiezingen op 13 juni 2010. De Croo stelde zich kandidaat voor de Senaat en behaalde 426.611 stemmen — de derde beste score onder de Nederlandstalige kandidaten.
Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 14 oktober 2012 was hij lijsttrekker in Brakel, waar hij een persoonlijke score van 1.155 stemmen haalde — meer dan zijn vader Herman De Croo. Hoewel hij zich aanvankelijk had geëngageerd om burgemeester te worden en niet toe te treden tot de federale regering, aanvaardde hij op 18 oktober 2012 toch om Vincent Van Quickenborne op te volgen als vice-eersteminister en federaal minister van Pensioenen. Op 22 oktober 2012 werd hij in die functie beëdigd. Op 3 januari 2013 legde hij ook de eed af als burgemeester van Brakel, maar hij delegeerde die taken meteen aan Stefaan Devleeschouwer.
Op 15 maart 2014 droeg hij het voorzitterschap van Open VLD over aan Gwendolyn Rutten. Voor de federale wetgevende verkiezingen van 25 mei 2014 werd hij in Oost-Vlaanderen aangewezen als lijsttrekker. Hij werd verkozen in de Kamer van volksvertegenwoordigers met 191.560 stemmen — de beste score in zijn kiesdistrict en de tweede beste voor Open VLD, maar ook de derde beste Vlaamse en de vierde beste Belgische score.
Federale ministerportefeuilles: van Pensioenen tot Financiën
Na het coalitieakkoord van oktober 2014 werd De Croo opnieuw vice-eersteminister en tevens federaal minister van Ontwikkelingssamenwerking, Digitale Agenda, Telecommunicatie en Postdiensten. Daarmee combineerde hij een breed bevoegdheidspakket dat zowel internationale samenwerking als binnenlandse digitalisering omvatte.
Na het vertrek van de N-VA uit de regeringscoalitie werd de regering-Michel II gevormd. In die minderheidsregering bleef De Croo vice-eerste minister en minister van Ontwikkelingssamenwerking. Bovendien erfde hij de portefeuille Financiën, terwijl Philippe De Backer de overige bevoegdheden overnam. In 2018 liet hij de digitale-agendaportefeuille formeel los om zich volledig op Financiën te concentreren.
Bij de federale verkiezingen van 26 mei 2019 behaalde De Croo opnieuw een mandaat in de Kamer van Volksvertegenwoordigers en haalde hij het beste persoonlijke resultaat in de provincie Oost-Vlaanderen. Toen Sophie Wilmès Charles Michel opvolgde als regeringsleider, bevestigde zij alle federale ministers in hun functies. Tijdens de Covid-19-pandemie werd De Croo volwaardig minister onder een bijzondere volmachtenregeling van zes maanden voor de regering-Wilmès. Intussen werd hij ook eerste vicevoorzitter van Open VLD onder partijvoorzitter Egbert Lachaert.
Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 14 oktober 2018 was De Croo kandidaat voor het burgemeesterschap van Brakel, maar hij slaagde er niet in het mandaat te behouden. Stefaan Devleeschouwer haalde de beste persoonlijke score binnen de liberale lijst en werd verkozen tot burgemeester.
De vorming van de Vivaldi-coalitie en het premierschap
Na de federale verkiezingen van 26 mei 2019 volgden langdurige regeringsonderhandelingen. Uiteindelijk werden De Croo en Paul Magnette door koning Filip aangesteld als co-formateurs met de opdracht een zevenpartijencoalitie samen te stellen, bestaande uit PS, CD&V, Open VLD, MR, sp.a, Ecolo en Groen. Die coalitie kreeg later de naam Vivaldi.
Vijf dagen na hun aanstelling dienden De Croo en Magnette al een tussentijds verslag in bij de vorst, die hen vroeg de onderhandelingen zo snel mogelijk af te ronden. Op 1 oktober 2020 werd na een nacht van onderhandelingen een coalitieakkoord bereikt. Op de persconferentie vermeldde Paul Magnette dat de keuze voor wie eerste minister zou worden via een muntworp was beslist, en dat De Croo die had gewonnen.
De muntworp als beslissende factor voor het premierschap werd door commentatoren breed uitgemeten als illustratie van de moeizame evenwichtsoefening tussen Franstaligen en Nederlandstaligen in de Belgische coalitiepolitiek.
Op 1 oktober 2020 legde Alexander De Croo de eed af bij koning Filip, na het ontslag van Sophie Wilmès. Op dezelfde dag gaf hij in de Brusselse hemicycle een algemene beleidsverklaring voor de Kamer van Volksvertegenwoordigers. Op 2 oktober 2020 kreeg de regering het vertrouwen van de Kamer met 86 stemmen voor en 54 tegen. De Nieuw-Vlaamse Alliantie, Vlaams Belang en de Parti du travail de Belgique stemden tegen; de Centre démocrate humaniste en Démocrate fédéraliste indépendant onthielden zich.
Regeringsbeleid: grote dossiers van de regering-De Croo
Het regeerakkoord van de Vivaldi-coalitie bevatte een reeks ambitieuze maatregelen op sociaal, economisch en ecologisch vlak. De voornaamste engagementen waren:
- Een minimumrustpensioen van 1.500 euro per maand voor een volledige loopbaan
- De aanwerving van extra medisch personeel als reactie op de lessen van de Covid-19-pandemie
- Een verdubbeling van het geboorteverlof tot 20 dagen
- Investeringen van 1,2 miljard euro in de ecologische en digitale transitie
- De aanwerving van 2.000 extra federale politieagenten
- Een nieuwe staatshervorming
Eind oktober 2020 voerde de regering nieuwe gezondheidsmaatregelen in om de tweede golf van Covid-19 in België in te dijken. In 2021 besliste ze om de fiscale aftrekbaarheid voor bedrijfswagenparken vanaf 2026 te beperken tot elektrische voertuigen, een maatregel die de omschakeling naar elektrisch rijden in de vlootmarkt sterk versnelde.
Op het vlak van energie werd later besloten twee kernreactoren na 2025 langer open te houden om de bevoorradingszekerheid te beschermen, mede als gevolg van de Russische invasie van Oekraïne in februari 2022. De Croo gaf federaal energieminister Tinne Van der Straeten de opdracht over die verlenging te onderhandelen met kernuitbater Engie. Tegelijk wilde de coalitie het aandeel hernieuwbare energie verhogen via investeringen in offshore wind en de creatie van een kunstmatig energie-eiland in de Noordzee om windparken te verbinden en waterstofproductie mogelijk te maken.
Op de arbeidsmarkt maakte een nieuwe wet een vierdagenweek mogelijk, mits goedkeuring van het bedrijf, waarbij de werkdag werd verlengd tot maximaal 9 uur en 30 minuten. Werk tussen 20.00 en 24.00 uur werd opnieuw geclassificeerd als niet-nachtarbeid, zonder bijkomende compensaties. Verder streefde de regering ernaar de militaire uitgaven vanaf 2022 op te trekken tot 2 procent van het bbp, hoewel dat binnen de coalitie voor spanningen zorgde. Daarnaast werd een juridisch kader uitgewerkt voor de teruggave van kunstwerken aan Congo, na het werk van een commissie over de erfenis van het Belgisch koloniale regime.
| Domein | Maatregel | Timing |
|---|---|---|
| Sociale zekerheid | Minimumpensioen 1.500 euro/maand | Regeerakkoord 2020 |
| Energie | Verlenging twee kernreactoren na 2025 | Beslissing 2022 |
| Mobiliteit | Fiscale aftrek enkel voor elektrische bedrijfswagens | Vanaf 2026 |
| Arbeidsmarkt | Vierdagenweek mogelijk | Wet 2022 |
| Defensie | Streefdoel 2% bbp voor militaire uitgaven | Vanaf 2022 |
Verkiezingsnederlaag en aftreden als premier
Bij de gelijktijdige federale, regionale en Europese verkiezingen van 14 mei 2024 leed de Vivaldi-coalitie een zware electorale nederlaag. Ook Open VLD verloor sterk. Diezelfde avond kondigde De Croo zijn ontslag aan als premier. De volgende dag diende hij dat ontslag formeel in bij koning Filip.
Hij bleef vervolgens aan als premier in lopende zaken tot de regering-De Wever op 7 juli 2024 in functie trad en hij de macht overdroeg aan Bart De Wever. Daarmee eindigde een premierschap van bijna vier jaar.
Terugkeer naar Brakel en benoeming bij de VN
Enkele maanden na zijn aftreden als premier keerde De Croo terug naar de lokale politiek. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 13 oktober 2024 behaalde de Open VLD-lijst in Brakel 43 procent van de stemmen en 13 van de 25 zetels. De Croo zelf haalde de hoogste persoonlijke score in de gemeente. Hij sloot een coalitieakkoord met CD&V en N-VA en werd op 23 oktober 2024 beëdigd als burgemeester van Brakel. Omdat hij zijn taken als premier nog niet volledig had afgerond, droeg hij de dagelijkse burgemeestersfunctie tijdelijk over aan Marleen Gyselinck.
Op internationaal vlak volgde een nieuwe stap. VN-secretaris-generaal António Guterres stelde hem op 23 november 2024 voor als directeur-generaal van het UNDP (United Nations Development Programme). Op 11 december 2024 werd hij formeel verkozen door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties; Rusland onthield zich bij die stemming. Als gevolg van zijn VN-benoeming werd hij als federaal volksvertegenwoordiger vervangen door Sandro Di Nunzio en als burgemeester van Brakel door waarnemend burgemeester Marleen Gyselinck.
Met zijn benoeming tot directeur-generaal van het UNDP — een van de grootste ontwikkelingsorganisaties ter wereld, actief in meer dan 170 landen — maakte De Croo de overstap van de nationale politiek naar de internationale arena, een traject dat hij al gedeeltelijk had uitgetekend via zijn eerdere portefeuilles Ontwikkelingssamenwerking en Financiën.