Axel Merckx werd op 8 augustus 1972 geboren in Ukkel/Uccle en is een Belgische wielrenner. Als zoon van Eddy Merckx begon hij eerst met voetbal, maar later koos hij voor een professionele carrière in het wielrennen. In 1993 startte hij zijn profloopbaan. Hij won in 2000 het Belgisch kampioenschap en behaalde op de Olympische Spelen van Athene een bronzen medaille in de wegwedstrijd, nadat hij in de laatste kilometer uit het peloton was ontsnapt. Merckx nam ook deel aan acht keer de Ronde van Frankrijk en finishte daarbij zes keer als beste Belg. In augustus 2007 stopte hij met koersen. Nadien werd hij algemeen manager van Hagens Berman Axeon, een ploeg die eerder de U23-opleidingsploeg van RadioShack was. Axel Merckx is ook de oom van de Argentijnse hockeyspeler Luca Masso, olympisch kampioen in 2016.
- Hoe verliep de sportieve loopbaan van Axel Merckx?
- Welke hoogtepunten en keerpunten kenmerkten de professionele carrière van Axel Merckx?
- Welke adellijke titel draagt Axel Merckx en waarom werd hij in 2013 vermeld?
- Hoe verliep Axel Merckx zijn Tour de France van 2005 binnen de ploeg van Davitamon Lotto?
Van voetbal naar wielrennen
Axel Merckx werd geboren in Ukkel op 8 augustus 1972 en is een Belgische wielrenner. Hij is de zoon van wielrenner Eddy Merckx. Axel begon in het voetbal, maar koos later voor een professionele carrière in het wielrennen. Vandaag is hij algemeen manager van de ploeg Hagens Berman Axeon, die vroeger de under-23 feederploeg van RadioShack was. Daarnaast is hij ook de oom van de Argentijnse hockeyspeler Luca Masso, die in 2016 olympisch kampioen werd.
Profcarrière en belangrijkste prestaties
Axel Merckx, de zoon van Eddy Merckx, begon zijn professionele loopbaan in 1993. Hij reed later voor T-Mobile Team, nadat hij een contract had getekend toen Phonak stopte met sponsoring. Tijdens de Tour van 2006 tekende hij ook een nieuw contract voor één seizoen bij Phonak, en datzelfde jaar kondigde hij aan dat het seizoen 2006 zijn laatste als prof zou worden. Uiteindelijk liet hij in augustus 2007 weten dat hij aan het einde van de Tour de France zou stoppen met professioneel wielrennen, al won hij begin augustus 2007 nog de laatste koers in Lommel, België. In augustus 2007 ging hij met pensioen als voormalige Belgische wielrenner.
Op sportief vlak behaalde Merckx verschillende opvallende resultaten. Hij won in 2000 het Belgisch nationaal kampioenschap en veroverde een bronzen medaille op de Olympische Spelen van Athene, waar hij in de laatste kilometer uit het peloton ontsnapte. Die olympische bronzen medaille was een van de grootste prestaties uit zijn carrière. Hij nam deel aan acht Tours de France en eindigde daar zes keer als beste Belgische renner. Merckx gold als een betere klimmer in middelgebergtes zoals het Centraal Massief en de Ardennen, terwijl zijn sprint minder sterk was dan die van andere wielrenners. Zijn favoriete koers was Luik-Bastenaken-Luik, en hij mikte op een overwinning in de Tour de France.
Adellijke titel en dopingvermelding
Axel Merckx draagt officieel de adellijke titel jonkheer. Die titel wordt vergeleken met het Britse eerbetoon "Sir". Daarnaast werd hij op 24 juli 2013 genoemd in een verslag van de Franse Senaat wegens een retrospectieve positieve dopingtest uit de Tour de France van 1998.
Tour de France 2005: ploegwerk en ontsnappingen
In de Tour de France van 2005 eindigde Axel Merckx als 39ste in het algemeen klassement en was hij daarmee de beste Belg. Zijn opdracht binnen Davitamon Lotto bestond vooral uit ploegwerk: hij trok mee in ontsnappingen, werkte in het peloton, haalde bidons op en beschermde ploegmaats tegen de wind. De ploeg mikte op de groene trui en op een plaats in de top tien.
Twee etappes sprongen er voor hem uit. In de twaalfde rit, van Briançon naar Digne-les-Bains, zat hij mee in de eerste ontsnapping. Toen de sprinters moesten lossen, werd ook een ritzege het doel van de ploeg. Merckx hield op de Col du Corobin het tempo mee hoog om het puntenverlies voor McEwen te beperken. Davitamon Lotto zette intussen de achtervolging in op Stuart O'Grady en Thor Hushovd, met Johan Vansummeren, Christophe Brandt en Mario Aerts. Na de aanval van David Moncoutié werd Merckx zevende in de rit.
In de achttiende etappe, van Albi naar Mende, reed hij opnieuw mee in een vlucht met Cédric Vasseur en Marcos Serrano. Serrano bleek de sterkste en won de rit, terwijl Merckx werd gelost. In die ontsnapping toonde hij ook zijn frustratie tegenover Vasseur, omdat die volgens hem onvoldoende had meegewerkt.