Elio Di Rupo

Officieel portret van Elio Di Rupo in 2024
Officieel portret van Elio Di Rupo in 2024

Elio Di Rupo is een Franstalige Belgische staatsman, geboren in Morlanwelz-Mariemont. In 1994 trad hij toe tot de federale regering als vice-eerste minister en minister van Overheidsbedrijven. Een jaar later werd hij minister van Economie. In 1999 nam hij het voorzitterschap van de Parti socialiste op zich, een functie die hij tot 2019 vervulde. In datzelfde jaar werd hij minister-president van de Waalse regering, een ambt dat hij vervulde van 1999 tot 2000, van 2005 tot 2007 en opnieuw van 2019 tot 2024. Tussenin was hij in 2000 ook verkozen tot burgemeester van Mons. Op federaal vlak werd hij na de verkiezingen van 2003 informateur. Na de federale vervroegde verkiezingen van 2010 werd hij aangeduid als preformateur en in 2011 als formateur. Van 2011 tot 2014 was hij eerste minister van België. Onder zijn leiding werd de Parti socialiste bij de regionale verkiezingen van 2009 de eerste Franstalige partij.

Politieke loopbaan in Wallonië en federaal België

Elio Di Rupo werd geboren in Morlanwelz-Mariemont en is een Franstalige Belgische staatsman. In 1994 trad hij toe tot de federale regering als vice-eerste minister en minister van Overheidsbedrijven. Een jaar later werd hij minister van Economie. In 1999 nam hij het voorzitterschap van de Parti socialiste op zich, een functie die hij tot 2019 bekleedde. Datzelfde jaar werd hij ook minister-president van de Waalse regering. Die eerste periode als regeringsleider in Wallonië duurde tot 2000, waarna hij in dat jaar ook tot burgemeester van Mons werd verkozen. In 2005 keerde hij terug als hoofd van de Waalse regering en bleef daar tot na de federale verkiezingen van 2007. Daarna concentreerde hij zich op de leiding van de Parti socialiste. Onder zijn leiding werd de Parti socialiste bij de regionale verkiezingen van 2009 de eerste Franstalige partij. Na de federale vervroegde verkiezingen van 2010 werd hij aangewezen als preformateur en in 2011 als formateur. Op 5 april 2011 legde hij de samenstelling van de regering voor aan de koning, die hem diezelfde dag tot eerste minister van België benoemde. Op dinsdag 5 april 2011 werd hij beëdigd en op zaterdag 9 april 2011 kreeg hij het vertrouwen van de Kamer. Op 11 oktober 2014 droeg hij het ambt van eerste minister over aan liberaal Charles Michel. In 2019 werd hij voor de derde keer minister-president van Wallonië, een functie die hij tot 2024 bekleedde. Daarnaast werd hij de eerste openlijk homoseksuele regeringsleider in de Europese Unie.

Jeugd, studies en politieke bewustwording

Elio Di Rupo werd geboren in Morlanwelz-Mariemont als kind van ouders van Italiaanse afkomst, die in 1947 naar België waren gekomen. De familie kwam oorspronkelijk uit San Valentino in Abruzzo Citeriore in de Abruzzen. Zijn vader kwam om bij een verkeersongeval, waarna zijn moeder alleen zorgde voor een gezin van zeven kinderen. Tijdens zijn studies ontwikkelde Di Rupo een politieke bewustwording. Hij behaalde een doctoraat in de scheikunde aan de Université de l'Etat in Bergen en bekleedde er ook een bestuursfunctie. In die periode werd hij actief in de Socialistische Partij, die hij zag als een politieke uitdrukking van humanistische idealen van sociale rechtvaardigheid en individuele vrijheid.

Van lokale politiek naar federale top

Elio Di Rupo werd in 1982 verkozen tot gemeenteraadslid van Mons. Enkele jaren later, in 1986, werd hij er schepen van Gezondheid, Stadsvernieuwing en Sociale Zaken. In februari 1983 had hij al het Festival international du film d'amour opgericht. Vanaf 13 december 1987 zetelde hij als volksvertegenwoordiger voor het arrondissement Mons. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 1988 behaalde hij de beste score van de socialistische lijst. Na de spanningen die uit die verkiezingen voortkwamen, aanvaardde hij een kandidatuur voor de Europese verkiezingen, waarin hij in 1989 werd verkozen tot Europees parlementslid.

Zijn nationale mandaten volgden elkaar snel op. Op 24 november 1991 werd hij verkozen tot senator en hij bleef dat tot 1994. Daarna trad hij toe tot de Franse Gemeenschapsregering, waar hij van 12 juli 1994 tot 13 juli 1999 minister was. In die periode bekleedde hij de portefeuilles van Onderwijs, Audiovisuele Media en Openbaar Ambt. Op 7 maart 1995 verving hij Guy Coe me als minister van Communicatie en Overheidsbedrijven, en vanaf dezelfde datum werd hij ook vice-eerste minister. In de eerste federale regering van Jean-Luc Dehaene werd hij benoemd tot minister van Economie en Telecommunicatie. Na de wetgevende verkiezingen van 21 mei 1995 heroverde hij de federale zetel van volksvertegenwoordiger voor het arrondissement Mons-Soignies. Na een herschikking van het kabinet in 1995 werd hij bevestigd in de regering-Dehaene II en bleef hij vice-eerste minister. Van 7 april tot 12 juli 1999 kreeg hij ook de portefeuille Buitenlandse Handel. Tijdens deze jaren begeleidde hij kroonprins Filip op buitenlandse economische missies.

Zijn rol in de partij en in de regio werd daarna verder versterkt. Hij werd minister-president van de Waalse regering en vormde er een regionale coalitie "Rainbow" tussen PS, PRL en Ecolo. Hij werkte ook het "Contract for the Future of Wallonia" uit, een ontwikkelingsprogramma voor tien jaar. Later werd hij verkozen tot voorzitter van de PS met 71 procent van de stemmen tegen drie tegenkandidaten. Vervolgens liet hij het regionale voorzitterschap los om zich te concentreren op partijvernieuwing en modernisering. Hij keerde terug naar de federale zetel die hij in 1999 had gewonnen en verliet die op een later, niet gespecificeerd moment. Daarnaast werd hij op een niet nader bepaalde datum vicevoorzitter van de Socialistische Internationale. Na de verkiezingsoverwinning van de PS in Mons, met 61,35 procent van de stemmen en 30 van de 45 zetels, werd hij burgemeester van Mons. In 2002 kreeg hij van koning Albert II de eretitel van minister van Staat.

Walloon politiek en federale rol

Na het vertrek van Jean-Claude Van Cauwenberghe op 30 september 2007 werd Elio Di Rupo minister-president van de Waalse regering. Hij combineerde die functie met het voorzitterschap van de PS. In Wallonië vernieuwde hij de regenboogcoalitie niet, maar vormde hij een rood-romige coalitie met het Centre democrate humaniste, het cdH. In dezelfde periode was hij ook lid van de raad van bestuur van Dexia bank, van 19 november tot 19 december 2007.

Di Rupo was bovendien een van de belangrijkste initiatiefnemers van een Plan Marshall om de welvaart in het Waalse Gewest te versterken. Later bleef hij officieel burgemeester van Mons, al werd hij door waarnemend burgemeesters vervangen omdat hij een verhinderd burgemeester was. Hij richtte ook de Franz Aubry-stichting op om weesstudenten te helpen hoger onderwijs te volgen.

Bij de federale parlementsverkiezingen boekte de PS een belangrijke winst in Brussel en Wallonie. Di Rupo werd verkozen tot federaal volksvertegenwoordiger voor de kieskring Henegouwen. Na die verkiezingen benoemde de koning hem tot informateur. Hij raadpleegde daarbij de hele burgermaatschappij en diende aan het staatshoofd een verslag in met als titel 'Pour une Belgique creative et solidaire'. Dat rapport diende vervolgens als basis voor de vorming van de nieuwe 'paarse' coalitie tussen socialisten en liberalen.

Politieke koers en partijleiding

Op 14 juni 2007 vroeg Elio Di Rupo het ontslag van burgemeester Léon Casaert en van alle socialistische schepenen van Charleroi. Zijn vraag leidde tot het ontslag van de socialistische schepenen op 12 juni 2007, onder wie ook cdH-schepen Jean-Jacques Viseur. Op dezelfde dag steunde hij de PS-cdH-meerderheid in het Waals Gewest om het Courard-decreet te wijzigen en zette hij mee de schrapping in gang van de meerderheidsvereiste voor de lijst van de burgemeester in de gemeentekieswet. Hij noteerde ook de reactie van oud-PS-voorzitter Guy Spitaels op de socialistische verkiezingsnederlaag en diens vraag aan hem om te kiezen tussen zijn verschillende mandaten. Di Rupo besloot vervolgens de voorzittersverkiezing van de PS naar juli te vervroegen, kondigde zijn kandidatuur aan en zei dat hij, indien hij herverkozen werd, zijn functie van minister-president zou neerleggen. Op 7 juli 2007 werd hij herverkozen met 89,5 procent van de stemmen van de socialistische militanten. Op 30 september 2007 nam hij ontslag als minister-president ten voordele van Rudy Demotte, werd hij volwaardig federaal volksvertegenwoordiger en hernam hij op 23 oktober 2007 het burgemeesterschap van Bergen. In de nasleep van de federale verkiezingen van 10 juni 2007 duurden zes maanden van pogingen om een liberale-christelijke meerderheid, de zogenaamde Oranje-blauwe coalitie, te vormen. België bevond zich toen in een ernstige institutionele crisis, met bezorgdheid over een nationale opsplitsing. Op 20 maart 2008 keerde de PS terug naar de federale regering in een coalitie die werd aangeduid als Armeens of Lilas, zonder Vlaamse socialisten. Eind 2008 begon de nieuwe federale regering van Herman Van Rompuy zich toe te spitsen op economische en sociale problemen. Tegelijk kreeg de PS af te rekenen met lokale schandalen die haar imago schaadden, waarna veel uitsluitingen volgden en een deontologische code werd aangenomen. Tijdens de regionale verkiezingen herwon de PS haar dominante positie in de Franse Gemeenschap. Di Rupo liet toen zijn federaal mandaat vallen om naar het Waals Parlement te gaan en vormde er voor het eerst in het land meerderheden met socialisten, humanisten en ecologen. Hij duidde Rudy Demotte aan als hoofd van het Waals Gewest en de Franse Gemeenschap, terwijl Charles Picque minister-president van Brussel werd en de socialist Karl-Heinz Lambertz de leiding kreeg in de Duitstalige Gemeenschap.

Electorale doorbraak

Onder Elio Di Rupo werd de PS de eerste Franstalige partij bij de federale verkiezingen. De socialistische lijst behaalde 13,71 procent van de stemmen en 26 van de 150 zetels in de Kamer van Volksvertegenwoordigers. In de Senaat haalde de socialistische formatie 13,62 procent van de stemmen, goed voor 7 rechtstreekse zetels op 40 en in totaal 13 zetels op 71. Bij een eerdere verkiezing haalde zijn eerste politieke familie 22,95 procent van de stemmen en 39 volksvertegenwoordigers in de Kamer, terwijl in de Senaat 23,1 procent en 20 senatoren op 71 werden behaald.

Onderhandelingen over de federale formatie

Elio Di Rupo verliet zijn zetel in het Waals Parlement voor een mandaat in de Kamer van Volksvertegenwoordigers. Hij werd verkozen in het arrondissement Henegouwen. In de daaropvolgende politieke fase kreeg hij van de koning een preformatiemissie om akkoorden te zoeken over de financiën, het socio-economische weefsel en de institutionele hervorming. Nadat hij zijn ontslag had aangeboden aan Albert II, weigerde de koning dit en vroeg hij de PS-voorzitter om een communautair compromis te vinden. De onderhandelaars kwamen samen om een oplossing te zoeken, waarna Di Rupo een voorstel deed met onder meer de splitsing van BHV, een herfinanciering voor Brussel en bevoegdheidsoverdrachten naar de gewesten. Dat voorstel werd aanvaard door SP.a en Groen!, maar verworpen door N-VA en CD&V. Uiteindelijk stelde de koning Di Rupo opnieuw aan, op 13 maart 2011, als formateur met de opdracht te onderhandelen over de zesde staatshervorming en de volgende federale regering te vormen.

Tijdens die formatieopdracht bracht hij op 28 maart 2011 een tussentijdse stand van zaken uit aan koning Albert. Op 29 maart onderging hij een operatie aan de stembanden, waardoor hij een week stemloos was. Daarna rondde hij bilaterale gesprekken af met de voorzitters van de negen partijen die deelnamen aan de onderhandelingen: N-VA, PS, MR, CD&V, Open Vld, Sp.a, cdH, Ecolo en Groen!. Hij werd ook herkozen als voorzitter van de PS met 96,7 procent van de stemmen. Op 13 april 2011 bezorgde hij aan koning Albert II een basisnota die als vertrekpunt moest dienen voor de federale regeringsvorming. Die nota bevatte onder meer de splitsing van het kies- en gerechtelijk arrondissement BHV, met behoud van faciliteiten in zes Brusselse randgemeenten, een institutionele reorganisatie waarbij de legislatuur van het federale parlement van vier naar vijf jaar zou gaan, en het wegvallen van de meeste bijzondere taal- en administratieve rechten van Franstaligen in de Vlaamse rand buiten de faciliteitengemeenten. Ook werd voorzien dat de maximumsnelheden op wegen in de Brusselse rand verschillend konden worden ingesteld, terwijl de hulpdiensten, zoals brandweer en civiele bescherming, niet zouden worden opgesplitst. Op 28 april 2011 stelde hij aan de koning een coalitievoorstel voor met zes partijen uit drie Belgische politieke families.

Coalitieonderhandelingen

Tijdens deze fase van zijn parcours politique lag er een coalitievoorstel op tafel met PS, Sp.a, MR, Open VLD, CD&V en CDH. Deze samenstelling werd omschreven als een traditionele tripartite, maar zonder de Franstalige ecologische partij Ecolo en de Nederlandstalige ecologische partij Groen!. Hun uitsluiting hing samen met het feit dat Open VLD weigerde om met hen deel te nemen. Ook CD&V wilde zich niet verbinden zonder de Vlaamse liberalen, waardoor een coalitie met Ecolo en Groen! niet doorging.

Van federale onderhandelingen tot Waalse regering

Op 12 juli 2010 vroeg Elio Di Rupo de Koning der Belgen om ontslagen te worden van de opdracht om een regering te vormen, nadat opnieuw een mislukking was vastgesteld in de federale begrotingsonderhandelingen. Op 23 juli 2010 kreeg hij van de Koning opnieuw de opdracht om zijn missie voort te zetten. Na maanden van gesprekken bereikte hij op 9 september 2011 een akkoord met vertegenwoordigers van zes partijen die betrokken waren bij de regeringsonderhandelingen. Diezelfde dag werd hij door de Koning belast om zo snel mogelijk een regering te vormen.

Op 6 december 2011 werd Di Rupo benoemd tot eerste minister. Daarmee werd hij de eerste Franstalige socialist die de Belgische regering leidde sinds Edmond Leburton. Op dezelfde dag legde hij de eed af bij koning Albert II. Een dag later stelde hij een regering van twaalf ministers samen, waaronder zes vice-eersteministers, en hield hij zijn algemene beleidsverklaring voor het Federaal Parlement. Op 8 december 2011 kreeg die regering het vertrouwen van het Federaal Parlement. In die periode droeg zijn regering bepaalde sociale zekerheidsbevoegdheden over aan de regio's.

Na de federale verkiezingen van 26 mei 2014 diende Di Rupo het ontslag van zijn regering in bij koning Filip. De koning belastte hem vervolgens met de behandeling van de lopende zaken tot er een nieuwe regering was geïnstalleerd. Op 11 oktober 2014 werd hij opgevolgd door Charles Michel als eerste minister. Op dezelfde dag nam Di Rupo ontslag als voorzitter van de Socialistische Partij om opnieuw het vertrouwen te zoeken van de partijmilitanten. De maand nadien hernam hij officieel het voorzitterschap van de partij en werd hij herkozen met 93,6 procent van de stemmen.

Bij de federale verkiezingen van 26 mei 2019 was Di Rupo lijsttrekker voor Henegouwen. Zijn partij bleef de belangrijkste Franstalige politieke kracht en hij behaalde een persoonlijk resultaat. Daarna leidde hij de onderhandelingen voor de vorming van een Waalse regering. Er kwam een meerderheidsovereenkomst tot stand tussen de PS, de Mouvement réformateur en Ecolo. Zo nam hij voor de derde keer het roer van de Waalse regering in handen. Op 13 juli 2019 legde hij de eed af bij koning Filip. Op 28 juli 2022 werd hij als hoofd van de Waalse regering opgevolgd door Adrien Dolimont.

In 2019 was Di Rupo ook lijsttrekker bij de Europese verkiezingen. Hij werd verkozen in het Europees Parlement met 181.797 stemmen en zetelt er binnen de groep van de Progressive Alliance of Socialists and Democrats.

Scroll naar boven