Frédéric François werd geboren als Francesco Barracato in Lercara Friddi op Sicilië. Hij was het tweede kind van Giuseppe Barracato en Antonina Salemi, die samen acht kinderen hadden. Zijn vader werkte als mijnwerker in een zwavelmijn in Lercara, terwijl zijn moeder als naaister werkte. Giuseppe Barracato emigreerde later naar België om als mijnwerker te werken in het bekken van Luik, onder een contract van drie jaar. In 1951 vervoegde Antonina Salemi zich met haar twee zonen bij hem in Tilleur via een Rode Kruis-convooi. In het gezin werd gezongen: Giuseppe Barracato zong Napolitaanse liederen en operamelodieën terwijl hij gitaar speelde. Frédéric François zong O sole mio voor het eerst in het openbaar op tienjarige leeftijd, in een café in Tilleur dat Le Passage à niveau heette. Zijn vader moedigde hem aan en begeleidde hem tijdens zijn eerste optredens in zijn adolescentie. Daarna volgden vroege opnames, waaronder Les Orgues de Saint-Michel, Marian, Jean en Le Pays d’où tu viens. Die laatste zorgde voor meer interesse bij de luisteraars. In 1970 trouwde hij met Monique Vercauteren, de dochter van een mijnwerker, die hij een jaar eerder had ontmoet.
- Hoe zag de familieachtergrond van Frédéric François eruit en hoe kwam het gezin in België terecht?
- Hoe groeide Frédéric François van zijn eerste zangoptredens uit tot zijn eerste echte erkenning?
- Hoe herpakte Frédéric François zich na zijn terugval en welke belangrijke mijlpalen volgden daarna?
- Hoe bereidde Frédéric François zich voor op zijn eerste optreden in zijn geboortedorp Lercara Friddi?
- Welke band had Frédéric François met de film Les dédales d'Icare?
- Hoe ontwikkelde Frédéric François zich in de jaren 2000 en 2010, zowel op het podium als in zijn uitgaven?
- Hoe succesvol was Frédéric François als zanger?
- Hoe verliep de eerste radiocarrière van Frédéric François in België en Frankrijk?
- Hoe werd Frédéric François vanaf de jaren 1970 op televisie en in andere media zichtbaar?
- Op welke televisie- en radio-uitzendingen verscheen Frédéric François in de jaren 1999 tot 2014?
Jeugd en familieachtergrond
Frédéric François werd geboren als Francesco Barracato in Lercara Friddi, op Sicilië. Hij was het tweede kind van Giuseppe Barracato en Antonina Salemi, die samen acht kinderen hadden. Giuseppe werkte als mijnwerker in een zwavelmijn in Lercara, terwijl Antonina als naaister werkte. Later vertrok Giuseppe naar België, waar hij met een contract van drie jaar als mijnwerker ging werken in het steenkoolbekken van Luik. In 1951 vervoegde Antonina hem samen met hun twee zonen in Tilleur, in een Rode Kruis-konvooi. Giuseppe speelde gitaar en zong daarbij Napolitaanse liederen en operamelodieën.
De eerste optredens en doorbraak
Frédéric François zong voor het eerst in het openbaar op tienjarige leeftijd, toen hij in een café in Tilleur, Le Passage à niveau, het lied O sole mio bracht. Tijdens zijn adolescentie werd hij voor zijn eerste optredens aangemoedigd en begeleid door Giuseppe Barracato. Daarna volgden de eerste platen, maar zonder onmiddellijk groot succes. De 45-toerenplaat Les Orgues de Saint-Michel werd geen succes, en ook Marian kreeg niet de verwachte doorbraak, al stond op de B-kant Comme tous les amoureux, een lied dat geschreven was voor België in het Eurovisiesongfestival van 1970 maar uiteindelijk niet werd geselecteerd.
Met Jean kwam er wel voor het eerst aandacht. Hij nam dit nummer op, een bewerking van de Britse film Les Belles Années de miss Brodie uit 1969, geregisseerd door Ronald Neame. Jean verscheen op het AZ-label en werd gedraaid op Europe 1 door programmaleider Lucien Morisse. Daardoor haalde Frédéric François voor het eerst een plaats in een hitparade, al maakte dat hem nog niet meteen beroemd. Daarna verschenen twee opeenvolgende 45-toerenplaten, Le Pays d’où tu viens en Shabala. Le Pays d’où tu viens werd gespeeld in het Belgische radioprogramma Formule J op RTB, en na die release groeide de belangstelling van luisteraars.
In 1970 trouwde hij met Monique Vercauteren, de dochter van een mijnwerker, die hij een jaar eerder had leren kennen. Samen namen ze de gesproken duetplaat I love you je t’aime op, geschreven door Alain Darmor. Het nummer werd in 1971 veel gedraaid op de Nederlandse piratenzender Veronica, die uitzond vanaf een schip buiten de territoriale wateren. De verkoop van I love you je t’aime werd beschouwd als zijn eerste echte publieke erkenning. In die periode bleef Monique Vercauteren in een fabriek werken, terwijl Frédéric François financieel bleef worstelen met zijn muziekcarriere.
Herstel, nieuwe stappen en grote optredens
In 1979 verloor Frédéric François zijn topposities in de hitparades door de komst van disco. Daarop volgde een carrièreterugval die drie jaar duurde, tot 1982. Tijdens die moeilijke periode kreeg hij ook zware spasmofiliecrises. In 1982 kwam het keerpunt met Adios Amor, een nummer dat via de vrije radio’s werd uitgezonden en waarvan veel exemplaren van de 45-toerenplaat werden verkocht. Een jaar later bracht hij Aimer uit. Hij begon ook aan een nieuwe concerttournee en trad voor het eerst op in Haïti.
In 1984 sloot hij zich aan bij het platenlabel Trema. Dat jaar verscheen het album Mon coeur te dit je t’aime, dat een gouden plaat werd. Op 34-jarige leeftijd stond hij voor het eerst in de Olympia, waar hij een uitverkochte show speelde. In 1985 zong hij er Je t’aime a l’italienne, met Julie Pietri als openingsact. Later publiceerde hij ook het boek Les yeux charbon, bij Carrere-Lafon, als eerbetoon aan zijn familie en zijn publiek.
Daarna volgden opnieuw nieuwe opnames en optredens. Hij bracht het album Une nuit ne suffit pas uit, in samenwerking met Michaele, en maakte zich in 1988 op voor zijn derde Olympia-show. In 1989 trad hij op in vijfentwintig steden in Canada. Datzelfde jaar zong hij ook in Miami en New York. In New York gaf hij vijf voorstellingen in drie zalen: Brooklyn College, Queen's College en Townhall Foundation.
Zijn loopbaan en zijn privéleven liepen in die jaren geregeld door elkaar. Zijn echtgenote Monique kreeg een miskraam nadat zij zwanger was van een tweeling die de termijn niet haalde. Tijdens een optreden van Je t’aime a l’italienne in de Olympia vernam hij bovendien de geboorte van zijn vierde kind, Victoria. Op een later moment verbleef hij ook een maand lang in de Olympia.
In 1993 verliet Frédéric François Trema om zijn eigen productiemaatschappij MBM op te richten. Hij ondertekende toen ook een distributiecontract met BMG. In datzelfde jaar bracht hij zijn laatste 45-toeren vinylsingle uit, L’amour c’est la musique, en verscheen ook zijn eerste cd, Tzigane. De single Tzigane werd zijn laatste 45-toeren vinyl in België.
Terugkeer naar Sicilië en eerbetoon
Enkele maanden voor zijn eerste optreden in zijn geboortedorp Lercara Friddi in Sicilië nam Frédéric François het album Les plus grandes mélodies italiennes op. Met dat album vierde hij dertig jaar succes. Het bevatte onder meer het lied La porta abanidduzza. Voor het eerst in zijn carrière bracht hij er ook een eerbetoon aan het Siciliaanse dialect. Dat maakte dit album tot een bijzonder moment in zijn loopbaan, nog voor hij zich in Lercara Friddi voorbereidde om te zingen.
Eerste filmrol
In 1999 bracht LCJ Productions een VHS uit van de film Les dédales d'Icare. Voor die film zong Frédéric François het nummer Je voyage. Het was ook zijn eerste rol in de cinema, waarmee Les dédales d'Icare een bijzonder moment vormde in zijn loopbaan.
Boeken, huldes en latere successen
Na zijn eerdere succes bleef Frédéric François ook in de jaren 2000 bijzonder actief. Hij publiceerde zijn tweede boek, Ma vie, samen met journalist Serge Igor via Hors collection publishing. Daarna volgde een tournee in 2002-2003 met meer dan 100 opeenvolgende optredens in Frankrijk, België en Zwitserland, wat zijn stevige podiumritme onderstreepte. In 2003 bracht hij hulde aan Tino Rossi door Méditerranée, Marinella, Ave Maria en Petit Papa Noël te coveren.
In 2004 zong hij voor het eerst in het Engels tijdens zijn elfde Olympia-concert, met Love Me Tender van Elvis Presley. Een jaar later verscheen een cd met 15 liedjes, waaronder Et si on parlait d’amour. Die release verkocht binnen enkele weken een groot aantal exemplaren. In diezelfde periode verscheen ook zijn derde boek, Autobiographie d’un Sicilien, uitgegeven door Ramsay publishing. In dat boek gaf hij persoonlijke waarden en idealen prijs. Sommige bewonderaars noemden hem in dat publicatiejaar La voix de l’amour.
Daarna bleef hij nieuwe projecten uitwerken. Het album Mes Préférences bevat liedjes die mijlpalen in zijn carrière en familie markeren. Hij bracht ook uitingen van dankbaarheid samen in de cd Merci la vie! en een fotoboek van Patrick Carpentier met dezelfde titel. Daarnaast schreef hij nummers met een persoonlijke betekenis: Mamina als eerbetoon aan zijn nog levende moeder, Fou d’elle voor zijn jongste dochter Victoria en Le Strapontin de papa voor de zesde verjaardag van het overlijden van zijn vader.
Zijn activiteit werd later onderbroken door gezondheidsproblemen. Voor zijn concert in Forum de Liège werd hij ziek door cortisonegebruik. Hij werd tweemaal opgenomen in het CHU de Liège, eerst bijna een maand en later nog eens vijftien dagen. Terwijl hij opgenomen was, verscheen de live album en dvd Tour 2008-Frédéric François-de l’Olympia à Forest National. Daarna stopte hij zijn carrière voor een jaar, maar hij zong wel publiek tijdens het Télévie-programma op de Belgische zender RTL-TVI.
Na zijn terugkeer hervatte hij zijn activiteiten met een herneming van zijn tour in Forum de Liège. In 2010 volgden het nieuwe album Chanteur d'amour en het boek-object Une vie d'amour. Daarna bracht hij onder meer 40 Succès en or uit, een cd met dvd, en keerde hij terug naar de Olympia op 3 en 4 mei met Liane Foly en Roberto Alagna. Op 19 januari 2012 verscheen Amor Latino, en van 31 januari tot 5 februari vierde hij zijn 30e Olympia. Hij bleef op tournee tot 2015.
In de jaren daarna verschenen nog meerdere releases, waaronder een best-of boxset in drie cd's op 7 oktober 2014, 30 ans d'Olympia – Live 2014 op 1 december 2014, Magie de Noël tijdens de eindejaarsperiode van 2014, 30 ans d'Olympia – Spectacle in maart 2015, C'est la fête ! in december 2015 en Les femmes sont la lumière du monde op 7 oktober 2016. Dat laatste album haalde de top 10 van de Belgische verkooplijst en de top 20 in Frankrijk. Op 8 en 9 maart zong hij voor de 31e keer in de Olympia. Zijn tour van 2017-2018 begon op 17 maart, liep tot eind 2018 en kende twee delen met veranderingen in orkestratie en team in september. In maart 2018 verscheen ook Les Numéros 1, met 59 titels en een bonusversie van A tous ceux qu’on aime met 120 koorleden.
Commercieel succes en onderscheidingen
Frédéric François kende een bijzonder groot commercieel succes in Frankrijk, waar hij bijna 15 miljoen platen verkocht. Daarmee behoort hij tot de best verkopende Belgische artiesten in de muziekgeschiedenis, na Salvatore Adamo en Jacques Brel. Doorheen zijn carrière behaalde hij samen 26 gouden platen voor singles en albums en ook een platina video. Daarnaast zong hij 350 liedjes in vier talen, wat zijn brede repertoire onderstreept.
Doorbraak op radio in België en Frankrijk
In de zomer van 1969 zong Frédéric François op de Belgische radiozender RTBF het lied Sylvie. Enkele weken later trad hij daar voor het eerst op als gast in zijn eerste radioshow. In 1970 werd zijn nummer Jean uitgezonden op de Franse radiozender Europe N°1, waar het ook in de hitparade terechtkwam.
Daarna kreeg hij opnieuw veel aandacht met Je n’ai jamais aimé comme je t’aime, dat in de tweede helft van 1971 op RTBF werd uitgezonden. Dat lied stond er dertien weken lang op de eerste plaats. Omdat het in Frankrijk niet werd verdeeld, kochten luisteraars uit Noord-Frankrijk het in Belgische platenzaken. In 1972 volgde zijn eerste Franse radioshow op Europe N°1, in het programma 5, 6, 7 van Jacques Ourévitch. Die uitzending viel samen met de release van Je voudrais dormir près de toi. In de studio waren toen ook Michel Berger en Michel Jonasz aanwezig.
Televisieoptredens en publieke erkenning
In 1972 verscheen Frédéric François voor het eerst op televisie, op ORTF. Die uitzending werd gepresenteerd door Guy Lux en kwam tot stand vanuit de fête du petit vin blanc in Nogent-sur-Marne. Tijdens een live uitzending in diezelfde stad verscheen hij op een praalwagen samen met Mike Brant. Later datzelfde jaar was hij ook te zien in Midi-Première, met Danièle Gilbert en Jacques Martin als presentatoren. Tijdens die uitzending ontmoette hij Salvatore Adamo, met wie hij vanaf 1972 een sterke vriendschap opbouwde.
In 1973 kreeg hij op Europe N°1 in Le hit parade de bijnaam Frédo van Christian Morin. Die uitnodiging hing samen met een eerbetoon aan de miljoenste koper van zijn 45-toerenplaat Laisse-moi vivre ma vie. In dezelfde periode bleef hij ook op andere zenders aanwezig. Op RTL zong hij live in de kerk van Chesnay in Yvelines, voor tweehonderd kinderen en ouders. De opbrengst van dat optreden ging naar gehandicapte kinderen van Garches en naar vaderloze kinderen van de stichting Le Nid in Antony.
Begin 1975 eindigde hij ex aequo op de eerste plaats met Mike Brant in een peiling naar de favoriete zanger in Samedi est à vous, een programma van ORTF met Bernard Golay. Daarna verscheen hij van 1975 tot 1979 op Ring-Parade op Antenne 2. In 1976 werd hij het slachtoffer van een verborgen-camera-grap in Dix de Der van Philippe Bouvard.
Na een hernieuwde doorbraak via de vrije radio's in 1982, met veel uitzendingen van Adios Amor, bleef hij vaak op televisie te gast. Van 1983 tot 1998 was hij een regelmatige gast in L’École des fans van Jacques Martin. Vanaf 1984 dook hij ook geregeld op in La Chance aux chansons van Pascal Sevran, en in 1995 was hij daar een hele week de hoofdgast voor zijn album Les Italos-Américains. Vanaf de start in 1988 nam hij ook jaarlijks deel aan Télévie op RTL-TVI.
Televisieoptredens en eerbetonen
In 1999 was Frédéric François te zien in een speciale live show van RTL-TVI en Marylène Bergmann in het Cirque Royal de Bruxelles. Op 13 februari 2005 was hij de sponsor van de nieuwe RTL-TVI-show Au coeur de Télévie, en hij verscheen er opnieuw na een onderbreking van zes maanden. Hij kwam in die periode ook jaarlijks op Télévie voor kankeronderzoek op RTL-TVI. Verder verscheen hij op Sophie Davants programma C'est au programme op France 2, en maakte hij een radio-optreden op Europe 1 tijdens een Top 50 new-look-show gepresenteerd door Dave. In 2010 was hij te gast in Chabada van Daniela Lumbroso, samen met Salvatore Adamo en tenor Roberto Alagna, met wie hij een Siciliaanse muzikale sfeer creëerde. In 2011 verscheen hij in de speciale Italië-aflevering van Vivement Dimanche van Michel Drucker, samen met Ornella Muti, Arturo Brachetti en Les Prêtres. Datzelfde jaar was hij ook het eerste onderwerp van Les Orages de la vie op RTL-TVI, waarin hij Tilleur bezocht, de wijk van zijn jeugd. Tijdens de jaren 2010 werd hij geregeld uitgenodigd in programma's als Les Années Bonheur, Les Grands du Rire en Face à face. In 2013 trad hij op met Nancy Sinatra in Télévie op RTL-TVI. Begin 2014 was hij opnieuw te gast bij Sophie Davant, waar Marc Lévy een eerbetoon aan hem bracht. Frédéric François wilde die videoboodschap opnemen in een passage met de titel Hommage à mon père voor zijn nieuwe tour.