Guy Peellaert was een Belgisch multidisciplinair beeldend kunstenaar, geboren in Brussel, in de provincie Brabant. Hij bracht het grootste deel van zijn leven door in Frankrijk en overleed op een niet-gespecificeerde plaats. Als kunstenaar uit de tweede helft van de twintigste eeuw omschreef hij zichzelf als onclassificeerbaar en verdedigde hij een vorm van hybridisering. Hij verwierp elke hiërarchie tussen de kunsten en werkte mee aan hun ontzuiling vanaf het midden van de twintigste eeuw.
Peellaert stelde de rol van kunstenaar tegenover die van ‘beeldmaker’ en vermeed instellingen en de markt. Zijn werk verspreidde hij liever via boeken, pers, affiches en platen. Zijn beeldtaal was gebaseerd op picturale interpretaties van mythologieën uit de westerse iconografische cultuur en bestond uit figuratieve werken met een verhalende dimensie, vaak geïnspireerd door filmische taal. Hij gebruikte verschillende beeldmanipulatietechnieken, vroeg gebruikmakend van toe-eigening en détournement. Zijn carrière kende vijf onderscheiden periodes, met vernieuwingen en formele breuken. Vanaf het midden van de jaren zestig kreeg hij Europese bekendheid met de experimentele strips Les Aventures de Jodelle en Pravda de Survirende. Internationale faam volgde in 1973 met Rock Dreams, en later werkte hij samen met David Bowie, de Rolling Stones en Martin Scorsese.
- Hoe positioneerde Guy Peellaert zich als kunstenaar en via welke media verspreidde hij zijn werk?
- Hoe ontwikkelde Guy Peellaert zich na zijn doorbraak met Rock Dreams?
- Uit welk gezin kwam Guy Peellaert voort?
- Hoe zag de familie- en jeugdomgeving van Guy Peellaert eruit?
- Hoe hielp Gabriëlle Permesaen tijdens de oorlogsjaren anderen en welke plannen had zij voor Biographie?
- Hoe verliepen de jeugdjaren, opleiding en eerste artistieke invloeden van Guy Peellaert?
- Hoe begon Guy Peellaert zijn professionele loopbaan in het Nationaal Theater van België?
- Hoe ontwikkelde Guy Peellaert zich van reclametekenaar tot onafhankelijk kunstenaar in de jaren 1960?
- Hoe ontwikkelde Guy Peellaert zich van decorateur tot internationaal bekend kunstenaar?
Stijl en artistieke positie
Guy Peellaert was een Belgische beeldend kunstenaar, geboren in Brussel, in de provincie Brabant, en hij bracht het grootste deel van zijn leven in Frankrijk door. Hij werkte als multidisciplinaire beeldend kunstenaar in de tweede helft van de twintigste eeuw en zag zichzelf als een onclassificeerbare kunstenaar die hybridisering nastreefde. Daarbij wees hij elke hiërarchie tussen de kunsten af en droeg hij sinds het midden van de twintigste eeuw bij aan hun ontzuiling. Hij stelde het kunstenaarschap tegenover dat van ‘beeldmaker’ en vermeed instellingen en de markt. In plaats daarvan liet hij zijn werk vooral verspreiden via boeken, pers, affiches en platen.
Zijn werk steunde op een picturale interpretatie van mythologieën uit de westerse iconografische cultuur. Hij maakte figuratieve werken met een verhalende dimensie, vaak geïnspireerd door filmische taal. Daarbij gebruikte hij uiteenlopende beeldmanipulatietechnieken, die een vroeg gebruik van toe-eigening en détournement tonen. In zijn carrière worden vijf duidelijke periodes onderscheiden, elk gekenmerkt door vernieuwingen en formele breuken. Hij wisselde langdurige persoonlijke projecten, waarvoor soms tot tien jaar nodig was, af met opdrachten.
Peellaert verwierf in het midden van de jaren zestig Europese bekendheid met de experimentele strips De avonturen van Jodelle en Pravda de Survirante, die worden verbonden met popart en tegencultuur.
Van Rock Dreams tot digitale schilderkunst
Vanaf 1973 verwierf Guy Peellaert wereldwijde bekendheid met de hyperrealistische reeks Rock Dreams. In die werken ontwikkelde hij een complexe vermenging van fotografie, fotomontage en schilderkunst, die ook invloed had op de opkomende rockcultuur. Hij werkte in die periode samen met onder meer David Bowie, de Rolling Stones en Martin Scorsese.
Vanaf 1976 trok Peellaert zich geleidelijk terug uit het openbare leven om zich te concentreren op Las Vegas, The Big Room. Voor die reeks werkte hij tien jaar lang en hij introduceerde er een nieuwe techniek waarbij pastel werd aangebracht op een fotografische ondergrond. Die werkwijze ontwikkelde hij samen met filmmaker Wim Wenders, voor wie hij in de jaren 1980 ook tal van affiches maakte. Het decennium stond sterk onder invloed van de cinema. Zo verzorgde hij ook de openingsgeneriek van het Franse televisieprogramma Cinéma, Cinémas en ontwierp hij affiches voor Robert Bresson, Stephen Frears, Leos Carax, Michael Cimino en Francis Ford Coppola.
Tussen 1990 en 1991 maakte hij voor filmmaker Alain Resnais het fresco Gershwin, dat een korte monumentale periode inluidde. Die periode werd in 1994 afgesloten. Daarna begon Peellaert te experimenteren met digitale schilderkunst. Van 1995 tot 1999 gebruikte hij nieuwe computerondersteunde publicatietechnieken voor Rêves du vingtième siècle, een reeks van 70 digitale schilderijen. Dat was zijn laatste grote persoonlijke project en zijn laatste formele breuk in zijn carrière.
Gezin en afkomst
Guy Peellaert was het tweede kind van Robert Peellaert en Gabrielle Permesaen. Robert Peellaert was erfgenaam van een familie-inkomen uit de steenkoolhandel in Antwerpen. Gabrielle Permesaen was de dochter van kleermakers uit Leuven. Het echtpaar kreeg in 1929 een eerste dochter, die kort na de geboorte overleed, en in 1930 een dochter, Denise.
Familie en jeugd
Guy Peellaert groeide op in een gezin dat behoorde tot de Belgische katholieke bovenburgerij. Het gezin woonde aan de Louizalaan in Brussel en kon zich met paarden verplaatsen naar de familiale stoeterij in Hoeilaart, die eigendom was van Robert Peellaert. Van jongs af aan werden Guy en zijn zus Denise aangemoedigd om aan paardrijden te doen. Denise blonk daarin uit en werd het favoriete kind, terwijl Guy door de strenge houding van zijn vader Robert Peellaert eerder werd geremd in die praktijk. Pas op latere leeftijd kreeg hij opnieuw belangstelling voor paardensport.
Het gezin bracht de winters door in Zwitserland en de zomers in Cap d’Antibes. Een van zijn vier paternele ooms bezat daar bovendien een luxueus domein. Tijdens het paardenracingseizoen verbleef de familie ook geregeld in Oostende, waar Robert Peellaert een gebouw met zicht op zee verwierf. Na de oorlogsverklaring in 1939 verliet het gezin Brussel voor Vals-les-Bains in Frankrijk. Zodra hun veiligheid verzekerd was, keerden zij terug naar België. Ondanks de oorlog bleef de familie financieel goed gesteld en kon zij haar levensstijl behouden, ook toen de kosten stegen en er in bezet Europa schaarste en rantsoenering waren.
Gabriëlle Permesaen en de oorlogsjaren
Gabriëlle Permesaen hielp verschillende Joden ontsnappen aan de nazi’s. Daarnaast ondersteunde zij een chirurg met wie zij een relatie had. Zij wenste ook dat Biographie geneeskunde zou gaan studeren, zodat hij de praktijk van die chirurg kon overnemen.
Jeugd, opleiding en vroege invloeden
Guy Peellaert was al op jonge leeftijd een losbandige student en een opstandige adolescent. Hij kwam uit een burgerlijk milieu, maar werd door zijn ouders naar een jezuïetenkostschool gestuurd die bekendstond om haar strengheid. Daarna schreef hij zich in aan het Sint-Lucasinstituut in Brussel voor een opleiding in de decoratieve kunsten. Daar specialiseerde hij zich in monumentale kunst, met onder meer fresco- en muurschildering, al volgde hij slechts vier jaar van de zevenjarige opleiding.
Tijdens die periode bezocht hij ook de grootste Europese werkplaats voor cine-calcoprenten in Antwerpen. In het naoorlogse België zag hij een samenleving die volgens hem sterk onder Amerikaanse invloed stond: hij omschreef het land als een Amerikaanse kolonie en als een strategische toegangspoort voor de Amerikaanse cultuur in West-Europa. Volgens hem maakten na de Bevrijding akkoorden tussen de Verenigde Staten en Europa de grootschalige vertoning van Amerikaanse films en de uitvoer van Amerikaanse producten mogelijk. Hij merkte ook op dat België, in tegenstelling tot Frankrijk, geen culturele bescherming kende en geen eigen nationale cinema had.
In de jaren vijftig ging hij tot vier keer per week naar de bioscoop om Amerikaanse films in originele versie te zien. Brussel beschreef hij als een Amerikaanse middelgrote stad uit de jaren vijftig, met een duidelijk onderscheid tussen Uptown en Downtown. Hij voelde zich aangetrokken tot volkswijken en identificeerde zich met Amerikaanse helden die sociale afkomst overstegen, zoals Gentleman Jim van Errol Flynn.
Tijdens zijn studies woonde hij bij zijn moeder, vlak bij het Amerikaans Cultureel Centrum van Brussel. Daar las hij grote Amerikaanse geïllustreerde tijdschriften zoals Collier's Weekly, Saturday Evening Post, National Geographic en Life. In die publicaties ontdekte hij de muurschilder Thomas Hart Benton en Reginald Marsh. Hij beschouwde hen als kunstenaars die door de dominante cultuur werden genegeerd en stelde hun werk tegenover de officiële burgerlijke smaak. Zijn vorming werd tegelijk sterk beïnvloed door cinema en persfotografie.
Daarnaast ontdekte hij noir-romans, rhythm-and-blues en rock-'n-roll uit de Verenigde Staten. Die muziek luisterde hij in cafés in de visserwijk van de haven van Oostende, waar hij tijdens vakanties verbleef en zijn vader bezocht. In Oostende voelde hij zich aangetrokken tot gevaarlijke en verleidelijke plekken, waar rivaliserende Engelse en Belgische jeugdbendes aanwezig waren. De spanningen met zijn vader liepen intussen hoog op: tijdens een hevige ruzie sloeg hij hem, op het moment dat beslist werd zijn studies stop te zetten. Daarna verliet hij het ouderlijk huis voorgoed.
Eerste stappen in het Nationaal Theater van België
Guy Peellaert begon zijn professionele ervaring als assistent van decorateur en kostuumontwerper Denis Martin in het Nationaal Theater van België. Daar ontwierp en maakte hij kostuums en decors voor klassieke en eigentijdse toneelstukken. Het gezelschap ondersteunde Europese premières van werken van Arthur Miller en Bertolt Brecht en gebruikte sinds de oprichting in 1946 moderne en avant-gardistische ensceneringen. Van Denis Martin leerde Peellaert zowel creatieve als technische vaardigheden in de scenografie, binnen een stijl die sober minimalisme combineerde met overdreven barokke elementen.
Van reclame tot onafhankelijke kunstenaar
Guy Peellaert raakte al tijdens zijn studies decoratieve kunsten gefascineerd door de esthetiek van de reclame. In 1957 trad hij toe tot de Belgische afdeling van het reclamebureau Max Factor, dat zijn ontwikkeling baseerde op de associatie met filmsterren uit Hollywood. Peellaert verzorgde er mode- en schoonheidsfoto’s, die later opnieuw gebruikt werden in zijn persoonlijke werk. Hij kreeg ook de verantwoordelijkheid over het merkimago van Max Factor in heel Europa. In 1960 nam hij ontslag, omdat hij ontevreden was over zijn werk en het conventionele leven. Datzelfde jaar trouwde hij met Anne in een katholieke huwelijksceremonie.
Daarna werkte hij als zelfstandig kunstenaar en illustreerde hij voor de Belgische, Franse en Duitse pers. Hij ontving opdrachten van de Belgische Radio- en Televisieomroep voor de promotie van muziekevenementen, waaronder jazz. In 1963 ontwierp hij de jaarlijkse kalender voor luchtvaartmaatschappij Sabena. Zijn werk uit die periode vertoonde surrealistische invloeden en tegelijk een duidelijke doeltreffendheid ontleend aan de reclame. Hij liet zich inspireren door grafische vernieuwingen uit New York en door de tekeningen van Raymond Savignac.
In 1961 sloot Peellaert zich aan bij de Belgische groep van de Aluchromisten, waarbij hij werkte met geoxideerd aluminium en industriële kleurtechnieken. In 1964 maakte hij voor de Belgische Radio- en Televisieomroep samengestelde beelden waarin fotografie en tekeningen werden gecombineerd. Deze beelden werden gekenmerkt door gestileerde dikke zwarte lijnen, weggevaagde gezichten, seriële personages, pure kleuren en lay-outs die aan stripverhalen deden denken. In 1965 ontwikkelde hij vervolgens de Jodelle-stijl, terwijl terugkerende popmotieven zoals American football-spelers opdoken in muurschilderingen en persillustraties.
Van striptekenaar tot beeldend kunstenaar
Guy Peellaert studeerde aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Brussel. Hij begon zijn loopbaan als theaterdecorateur en reclame-illustrator. In 1967 vestigde hij zich in Parijs, waar hij bekend werd door stripverhalen. Zijn stijl sloot aan bij de esthetiek van de psychedelica en de popart. Hij werkte in de buurt van de Place de la Bastille en hield in zijn atelier foto’s, beelden en teksten bij voor montages. In Parijs leefde hij samen met zijn echtgenote Elisabeth en zijn zoon Orson.
In 1969 werkte Peellaert ook in Duitsland en de Verenigde Staten. Via het ontwerpen van filmposters verschoof zijn aandacht steeds meer naar de schilderkunst. Hij maakte affiches voor onder meer Robert Altman, Francis Ford Coppola, Martin Scorsese, Wim Wenders en Robert Bresson. Daarnaast ontwierp hij platenhoezen voor David Bowie, The Rolling Stones en Étienne Daho. In 1982 creëerde hij de openingsgeneriek voor Cinéma, cinémas op Antenne 2.
Zijn werk werd tentoongesteld in Londen, Bazel, Tokio, Parijs, New York, Havana, Reims en Brest, en werd samengebracht in internationaal succesvolle boeken. Later maakte hij digitale fotografische collages met een palet voor computergraphics. In 2000 ontwierp hij voor Jean-Pierre Chevènement de groetkaart La République contre les bien-pensants en hij steunde hem ook bij de presidentsverkiezingen van 2002. Zijn laatste werk, Fashion Dreams, verscheen voor Next van Libération en bevatte illustraties van onder meer Madonna, Mareva Galanter, Vanessa Paradis en Tina Turner. Hij maakte ook de albumhoes van Petite Mort van Second Sex in 2000.