François-Jozef Navez werd geboren in een appartement aan de Groene Plaats in Charleroi en overleed in Brussel. Hij was de zoon van Thomas Navez, schepen van Charleroi, en Marie Hélène Joseph de Limborg. Navez huwde met Augustine Flore de Lathuy, die verwant was aan de familie de Hemptinne. Hij schilderde onder meer een portret van de familie de Hemptinne, dat zich bevindt in de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België.
Navez volgde van 1803 tot 1808 lessen aan de Academie van Brussel bij de schilder Pierre-Joseph Célestin François. In 1810 richtte hij samen met de schilders Antoine Brice, Antoine Cardon en Charles Pierre Verhulst de Société des amateurs d'arts op. Hij specialiseerde zich in neoklassieke portretkunst met morele waarde, strengheid en ideale schoonheid, en schilderde ook talrijke mythologische en historische taferelen rond de Oudheid. In 1812 won hij de eerste prijs voor historieschilderkunst. Daarna studeerde hij van 1813 tot 1816 in het atelier van Jacques-Louis David in Parijs en verbleef hij van 1817 tot 1821 vier jaar in Rome, waar hij Ingres ontmoette. Hij schilderde ook Italiaanse genrescènes met Victor Schnetz, Léopold Robert, François Granet en Bernard Seurre. Navez was bovendien de schoonvader van de schilder Jean-François Portaels, een leerling van hem die in 1852 trouwde met zijn dochter Marie.
- Wie was François-Joseph Navez en waar leefde hij?
- Met wie was François-Joseph Navez getrouwd en welke familiebanden had hij?
- Hoe ontwikkelde François Navez zich als kunstenaar en welke erkenning kreeg hij?
- Hoe verliepen de laatste jaren van François-Jozef Navez?
- Hoe werd François-Joseph Navez later geëerd en herdacht?
Leven en werk
François-Joseph Navez werd geboren in Charleroi, België, en overleed in Brussel. Hij was een Belgische neoklassieke schilder en werkte ook als portretschilder. Zijn oeuvre past binnen de neoklassieke traditie, met bijzondere aandacht voor het portret.
Familie en verwantschappen
François-Joseph Navez werd geboren in een appartement aan de Groene Plaats in Charleroi. Hij was de zoon van Thomas Navez, schepen van Charleroi, en van Marie Hélène Joseph de Limborg. Later huwde hij met Augustine Flore de Lathuy, die verwant was aan de familie de Hemptinne. Navez schilderde een portret van de familie de Hemptinne, dat bewaard wordt in de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België.
Via zijn gezin kwam hij ook in verband te staan met de schilder Jean-François Portaels, die leerling van Navez was en in 1852 trouwde met Navez’ dochter Marie. Navez was dus ook de schoonvader van Portaels.
Studie, stijl en erkenning
François Navez volgde van 1803 tot 1808 lessen aan de Brusselse Academie bij de schilder Pierre-Joseph Célestin François. In 1810 richtte hij samen met de schilders Antoine Brice, Antoine Cardon en Charles Pierre Verhulst de Vereniging van kunstliefhebbers op. In deze periode specialiseerde hij zich in neoklassieke portretkunst, gekenmerkt door morele waarde, striktheid en ideale schoonheid. Daarnaast schilderde hij talrijke mythologische en historische taferelen waarin de Oudheid centraal stond. Voor historiestuk behaalde hij in 1812 de eerste prijs.
Van 1813 tot 1816 werkte hij in Parijs in het atelier van Jacques-Louis David. Daarna verbleef hij van 1817 tot 1821 vier jaar in Rome, waar hij Ingres ontmoette. Samen met Victor Schnetz, Léopold Robert, François Granet en Bernard Seurre schilderde hij ook Italiaanse genrescènes.
Terug in Brussel vestigde hij zich in de Koningsstraat, waar hij een atelier opende dat veel leerlingen aantrok. Onder hen waren Jean-François Portaels, Alfred Cluysenaar, Fanny Corr, Auguste Danse, Henri Joseph Duwée, Jean Baptiste De Landtsheer, Dominique François Joseph Meulenbergh, Émile Philipkin en Jean Alexandre Van Laethem. Navez werd de leider van het neoclassicisme in België en schilderde de gegoede Brusselse samenleving. In 1830 werd hij lid van het Instituut en van de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Brussel. Hij was ook medestichter van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, opgericht in 1835, en was van 1835 tot 1862 directeur van de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Brussel. Zijn klassieke stijl riep later ook kritiek op van vertegenwoordigers van de Antwerpse school, onder wie Gustave Wappers.
Latere verliezen en laatste jaren
In 1846 verloor François-Jozef Navez zijn zoon Auguste, terwijl die bezig was met universitaire studies. In 1854 overleed zijn nauwe vriend Auguste-Donat de Hemptinne, en een jaar later stierf ook zijn dochter Marie Thérèse. In 1863 nam Navez om gezondheidsredenen ontslag als directeur van de Academie. Hij stierf op 83-jarige leeftijd, omringd door vrienden, de familie de Hemptinne en Jan-Frans Portaels. Zijn begrafenis vond plaats in de Sint-Michiels- en Sint-Goedelekathedraal in Brussel, waarna hij werd bijgezet op het kerkhof van Laken.
Erkenning en herdenking
In 1880 werden schilderijen van François-Joseph Navez tentoongesteld op de Historische Tentoonstelling van de Belgische Kunst 1830-1880 in Brussel. Later hielp Jules Destrée mee om zijn werk opnieuw onder de aandacht te brengen door het te tonen op de Tentoonstelling van Charleroi in 1911. In 1938 volgde in de Boursezaal van Charleroi een tentoonstelling van ongeveer veertig schilderijen. Zijn werken zijn vandaag te zien in musea in België en daarbuiten, onder meer in Brussel, Charleroi en het Louvre in Parijs. Ook werd zijn herinnering in de openbare ruimte vastgelegd: in het Astridpark in Charleroi staat een bronzen buste van Jean Hérain, die zich nu bevindt in het Museum voor Schone Kunsten van Charleroi. Daarnaast verwijzen de François-Joseph Navezstraat in Schaarbeek en de Navezstraat in Charleroi (Benedenstad) naar hem.