Emile Vandervelde was de zoon van Adèle Cardon en Joseph Émile Vandervelde, een vooruitstrevend lid van de Brusselse balie. Hij volgde zijn middelbare studies aan de athenea van Elsene en Brussel en schreef zich in 1881 in voor de rechten aan de Vrije Universiteit Brussel. Daar sympathiseerde hij met de ideeën van de Liberale Partij. Hij behaalde een licentiaat in de rechten in 1885, een doctoraat in de sociale wetenschappen in 1888 en een doctoraat in de politieke economie in 1892.
In 1884 trad hij als student toe tot de Belgische Werkliedenpartij en sloot hij zich aan bij de Arbeidersliga van Elsene. Tien jaar later stelde hij de ideologische basis van de partij voor, de Kwarignonverklaring. In de jaren 1890 verzette hij zich tegen Leopold II en diens absolute macht over Congo. Hij nam ook deel aan het debat dat in 1908 leidde tot de inlijving van Congo door België. Van 1894 tot 1900 was hij volksvertegenwoordiger voor Charleroi, daarna van 1900 tot 1938 voor Brussel. Van 1900 tot 1918 was hij voorzitter van de Tweede Internationale. Tijdens de Eerste Wereldoorlog steunde hij het verzet tegen het Duitse leger en trad hij in 1916 toe tot de regering van de Heilige Unie en tot de ministerraad van de Belgische regering in ballingschap in Sainte-Adresse, Frankrijk.
- Hoe verliepen de opleiding en de huwelijken van Emile Vandervelde?
- Welke rol speelde Emile Vandervelde in de Belgische en internationale politiek?
- Hoe reageerde Emile Vandervelde op de neutraliteit in de Spaanse Burgeroorlog?
- Welke academische functies en andere activiteiten had Emile Vandervelde?
Opleiding en huwelijk
Emile Vandervelde was de zoon van Adèle Cardon en Joseph Émile Vandervelde, een vooruitstrevend lid van de Brusselse balie. Hij volgde zijn middelbare studies aan de athenea van Elsene en Brussel. In 1881 schreef hij zich in voor rechten aan de Vrije Universiteit Brussel, waar hij sympathiseerde met de ideeën van de Liberale Partij. Hij behaalde in 1885 zijn licentiaat in de rechten, gevolgd door een doctoraat in de sociale wetenschappen in 1888 en een doctoraat in de politieke economie in 1892.
In zijn privéleven trad Vandervelde op 15 februari 1901 in Londen in het huwelijk met Charlotte Speyer; later scheidde hij van haar. In 1927 huwde hij in Parijs met Jeanne Beeckman. Zowel Vandervelde als zijn eerste echtgenote kwamen uit welgestelde milieus.
Politieke loopbaan en internationale rol
Emile Vandervelde trad in 1884, als student, toe tot de Belgische Werkliedenpartij (BWP) bij de oprichting ervan en sloot zich aan bij de Arbeidersliga van Elsene. Tien jaar later stelde hij de ideologische basisstekst van de partij voor, het Charter van Quaregnon. In de jaren 1890 verzette hij zich tegen Leopold II en diens absolute macht over Congo, en hij nam deel aan het debat dat in 1908 uitmondde in de inlijving van Congo door België. Hij werd verkozen tot volksvertegenwoordiger voor Charleroi van 1894 tot 1900 en vervolgens voor Brussel van 1900 tot 1938.
Op internationaal vlak was hij van 1900 tot 1918 voorzitter van de Tweede Internationale. Tijdens de Eerste Wereldoorlog aanvaardde hij, ondanks zijn socialistische overtuiging, verzet tegen het Duitse leger. In 1916 trad hij toe tot de regering van de Heilige Unie en werd hij lid van de Ministerraad van de Belgische regering in ballingschap in Sainte-Adresse, in Frankrijk. Van 1917 tot 1918 was hij minister van Bevoorrading, tot de herovering van het bezette gebied.
Na de oorlog nam hij als lid van de officiële Belgische delegatie deel aan de Vredesconferentie van Parijs, waar hij zich verzette tegen elke vorm van territoriale verwerving. In september 1920 maakte hij deel uit van een delegatie van de Socialistische Internationale die de Democratische Republiek Georgië bezocht. Van 1918 tot 1921 was hij minister van Justitie, waarbij hij strafhervorming, alcoholcontrole, vakbondsrechten en vrouwenrechten verdedigde. Tussen 1925 en 1927 was hij minister van Buitenlandse Zaken en droeg hij bij aan het Verdrag van Locarno.
In 1923 nam hij deel aan de oprichting van de Socialistische Arbeidersinternationale, waarvan hij tot 1938 voorzitter bleef. Hij bevorderde de politiek van doelbewuste deelname van socialistische partijen aan coalitieregeringen. Daarnaast was hij van 1933 tot 1938 de eerste voorzitter van de Belgische Werkliedenpartij. Zijn belangrijkste politieke strijdpunten waren het algemeen stemrecht en de sociale democratie, en hij werkte ook uitvoerig de rol van de staat in de socialistische samenleving uit vanuit theoretisch oogpunt. Van 1935 tot 1936 maakte hij opnieuw deel uit van de Ministerraad en van 1936 tot 1937 was hij onder Paul Van Zeeland minister van Volksgezondheid.
Standpunt tijdens de Spaanse Burgeroorlog
Tijdens de Spaanse Burgeroorlog van 1936 tot 1939 verzette Emile Vandervelde zich tegen de neutraliteit die Henri De Man en Paul-Henri Spaak verdedigden. Hij hekelde de groeiende dreiging van het fascisme en nam een duidelijk standpunt in tegen een afwachtende houding. Door zijn oppositie tegen deze neutraliteit nam hij ontslag uit de regering.
Academische loopbaan en diverse activiteiten
Emile Vandervelde was hoogleraar aan de Université libre de Bruxelles. Hij werkte mee aan Germinal, een literair, artistiek en sociaal tijdschrift, en leverde ook bijdragen aan Mouvement social en Revue Rouge. In 1913 werd hij benoemd tot corresponderend lid van de Klasse voor Letteren en Moraal- en Politieke Wetenschappen van de Koninklijke Academie van België; in 1929 werd hij er effectief lid en in 1933 directeur van die klasse.
Vandervelde was vrijmetselaar en lid van de loge Les Amis philanthropes van het Groot Oosten van België in Brussel. Zijn persoonlijke archieven zijn raadpleegbaar in het bibliotheek- en archiefcentrum van het Emile Vandervelde-instituut aan de Keizerslaan in Brussel. Zijn overlijden, begrafenis en de ontroering van de Belgische arbeidersklasse worden opgeroepen in Henri Storcks film Le patron est mort. Hij werd begraven op het Brussels kerkhof in Evere.