Ernest Solvay, voluit Ernest Gaston Joseph Solvay, werd geboren in Rebecq-Rognon als zoon van Alexandre Solvay, een handelaar in koloniale goederen, groevebaas en uitbater van een zoutraffinaderij, en van Eugénie Hulin. Hij was de oudere broer van Alfred Solvay, met wie hij samen de industriële activiteiten uitbouwde. Solvay was autodidact en begon te werken in de gasfabriek van zijn oom. Daar voerde hij verschillende verbeteringen door, waaronder ammoniarecuperatie.
Tijdens een experiment ontdekte hij een revolutionair procédé voor de productie van soda. In 1861 patenteerde hij een economische methode om natriumcarbonaat te vervaardigen via het ammoniaproces, waarbij natriumchloride en kalksteen worden gebruikt. Dit procédé werd bekend als het Solvay-proces. Solvay stelde dat natriumcarbonaat essentieel was voor de glasnijverheid, de metaalindustrie en detergenten. In 1863 richtte hij zijn eerste fabriek op in Couillet. Samen met zijn broer Alfred en met Eudore Pirmez en Gustave Sabatier bouwde hij een chemisch imperium uit. Zijn bedrijf Solvay & Cie groeide uit tot een internationale reus in de chemische industrie.
- Hoe bouwde Ernest Solvay zijn chemische en industriële activiteiten uit?
- Welke sociale hervormingen voerde Ernest Solvay in en hoe zette hij zich politiek in voor arbeiders?
- Hoe ondersteunde Ernest Solvay de ontwikkeling van wetenschap en sociale wetenschappen in Brussel?
- Welke plaatsen zijn verbonden met de latere jaren en de herdenking van Ernest Solvay?
- Hoe ontwikkelde Ernest Solvay zich als alpinist en welke bergprestaties leverde hij?
- Hoe hield Ernest Solvay zich bezig met sociale hervormingen en de situatie van arbeiders?
Van zelfstudie tot industrieel imperium
Ernest Gaston Joseph Solvay werd geboren in Rebecq-Rognon als zoon van Alexandre Solvay, een handelaar in koloniale waren, groevebaas en uitbater van een zoutraffinaderij, en van Eugénie Hulin. Hij was de oudere broer van Alfred Solvay, met wie hij samenwerkte bij de ontwikkeling van hun industriële activiteiten.
Solvay was autodidact en begon te werken in de gasfabriek van zijn oom. Daar voerde hij tal van verbeteringen door, onder meer op het vlak van ammoniake terugwinning. Tijdens een experiment ontdekte hij vervolgens een revolutionair procedé voor de productie van soda. In 1861 liet hij een economisch procédé patenteren voor de productie van natriumcarbonaat via het ammoniakproces. Dat procédé maakt industrieel natriumcarbonaat uit natriumchloride en kalksteen en werd bekend als het Solvay-proces. Solvay stelde zelf dat natriumcarbonaat essentieel is voor glasfabricage, metallurgie en detergenten.
In 1863 richtte hij zijn eerste fabriek op in Couillet. Samen met zijn broer Alfred en met medewerkers Eudore Pirmez en Gustave Sabatier bouwde hij vervolgens een chemisch imperium uit. Zijn bedrijf Solvay & Cie groeide uit tot een internationale reus in de chemische industrie. In 1900 leverde zijn Solvay-proces 95 procent van de wereldwijde soda.
Solvay was ook betrokken bij andere ondernemingen. In 1900 richtte hij samen met Ernest Bichat het Instituut voor Elektrotechniek van Nancy op, dat in 1948 de École nationale supérieure d'électricité et de mécanique de Nancy werd. Daarnaast stichtte hij Solvay SA, een chemisch en farmaceutisch bedrijf, en de Solvay business school, die in 2008 werd hernoemd en deel uitmaakt van de Vrije Universiteit Brussel.
Sociale hervormingen en politieke inzet
Ernest Solvay voerde in zijn fabrieken verschillende sociale maatregelen in. Hij introduceerde sociale wetgeving, waaronder sociale zekerheid, en stelde in 1899 pensioenregelingen voor zijn arbeiders in. In 1908 beperkte hij de werktijd tot een achturige werkdag, en in 1913 voerde hij betaald verlof in. Daarnaast zette hij professionele omscholingsprogramma’s op. Zijn sociale visie steunde op een structuur met organisatie van de arbeidsmarkt, gelijke kansen en tussenkomst van de staat.
Solvay was ook politiek actief en streed in de Senaat voor de rechten van arbeiders, eerst van 1892 tot 1894 en opnieuw van 1897 tot 1900. In 1918 werd hij benoemd tot minister van staat. Tijdens de Eerste Wereldoorlog richtte hij bovendien verschillende sociale werken op, waaronder het Nationaal Hulp- en Voedingscomité in 1914, dat België hielp bevoorraden.
Bescherming van wetenschap en ULB
Ernest Solvay was de belangrijkste mecenas van de Vrije Universiteit Brussel (ULB) en steunde er nadrukkelijk de ontwikkeling van de sociale wetenschappen. In 1894 stichtte hij het Instituut voor Sociologie aan de ULB, gevolgd door het Instituut voor Fysiologie in 1895. In 1903 richtte hij ook de Solvay Business School op. Zijn engagement voor de wetenschappen bleek bovendien uit de oprichting van het Internationaal Instituut voor Natuurkunde en Scheikunde in Brussel in 1894. Solvay liet in het Leopoldpark een wetenschappelijke stad bouwen om verschillende instituten onder te brengen, met gebouwen ontworpen door gerenommeerde architecten. In die wetenschappelijke stad vonden ook de beroemde Solvay-raadplegingen plaats. De eerste Solvay Council, in 1911, bracht elf Nobelprijswinnaars samen, onder wie Marie Curie, Albert Einstein, Paul Langevin, Max Planck, Ernest Rutherford en Henri Poincaré, met hertog Maurice de Broglie als secretaris-rapporteur. Solvay was ervan overtuigd dat het geluk van de mens alleen kon komen door de verspreiding van kennis.
La Hulpe en zijn laatste rustplaats
In 1893 kocht Ernest Solvay het Kasteel van La Hulpe van baron Antoine de Roest d'Alkemade. Het kasteel was zelf gebouwd in 1842 door markies Maximilien-Guillaume de Béthune. Later kreeg Solvay ook officiële erkenning: in 1995 werd hij door het Jules Destrée Instituut genoemd als een van de Honderd Walen van de Eeuw. Hij werd begraven op de begraafplaats van Elsene in Brussel, onder een funerair monument dat ontworpen werd door Victor Horta.
Bergbeklimming en de Solvay-hut
Ernest Solvay begon pas op zijn zevenenvijftigste met alpinisme. Op die leeftijd reisde hij samen met zijn secretaris Charles Lefébure naar Zwitserland, waar zij verschillende gedenkwaardige beklimmingen maakten. Solvay beklom onder meer de Grépon, een berg met een hoge moeilijkheidsgraad. Op zijn zestigste zette hij die bergactiviteiten verder met beklimmingen van drie vierduizenders: de Mont Blanc, de Jungfrau en de Cervin. Hij bleef tot op zijn eenentachtigste de Alpen bezoeken om te klimmen. In 1917 liet hij bovendien de Solvay refuge, ook Solvayhütte genoemd, bouwen op 4003 meter aan de Hörnli-rug van de Cervin. Solvay was ook lid van de jonge Belgische Alpine Club.
Sociale zorgen en hervormingsplannen
Na gewelddadige onlusten in het bekken van Charleroi begon Ernest Solvay zich zorgen te maken over het lot van de arbeiders. In diezelfde regio had hij de eerste sodafabriek gevestigd. Vanuit die betrokkenheid probeerde hij hervormingen door te voeren onder de naam Plan Social, met als doel meer sociale gelijkheid te bereiken.