Johnny Claes

Portret van Johnny Claes als Formule 1-coureur in 1950
Portret van Johnny Claes als Formule 1-coureur in 1950

Johnny Claes (Londen, 11 augustus 1916 – Brussel, 3 februari 1956) was een Belgisch jazzmuzikant en autoracer. Hij had een Schotse moeder en een Belgische vader. Tijdens zijn jeugd leefde hij in Engeland en volgde hij onderwijs aan de Lord Williams’s School. In het begin van de jaren 1930 kreeg hij trompetlessen van Nat Gonella en werkte hij eerst als cornettist en trompettist. In 1935 werd hij professioneel muzikant en speelde hij in de Nest Club in Londen. In de zomer van 1937 maakte hij deel uit van de band van Coleman Hawkins in Nederland. Tussen 1937 en 1939 trad hij in Londen op met onder meer Gerry Moore en Zijn Chicago Brethern, Valaida Snow en Vic Lewis, met wie hij ook opnames maakte. Later speelde hij in België met Jack Kluger en Zijn Swingorkest, keerde daarna terug naar Engeland en trad op in de Boogie Woogie Club. In 1940 speelde hij met Teddy Joyce. Daarna richtte hij een bigband op, The Clay Pigeons, die in 1941 en 1942 verschillende opnames maakte. De groep werkte onder meer met Ronnie Scott, Tommy Pollard, Norman Stenfalt, Harry Hayes, Max Jones en Kenny Graham, en verscheen in 1945 in de muziekfilm George in Civvy Street, met Tommy Whittle in de bezetting.

Muzikale en sportieve loopbaan

Johnny Claes werd geboren op 11 augustus 1916 in Londen en overleed op 3 februari 1956 in Brussel. Hij was een Belgische jazzmuzikant en daarnaast ook autocoureur. In zijn loopbaan combineerde hij dus twee heel verschillende activiteiten: de muziekwereld en de autosport.

Muzikale loopbaan in de jaren dertig en veertig

Johnny Claes had een Schotse moeder en een Belgische vader. Hij bracht zijn jeugd door in Engeland en volgde onderwijs aan de Lord Williams School. In het begin van de jaren dertig kreeg hij trompetlessen van Nat Gonella. Aanvankelijk trad hij op als cornettist en trompettist.

In 1935 werd Claes beroepsmuzikant en speelde hij in de Nest Club in Londen. In de zomer van 1937 maakte hij deel uit van de band van Coleman Hawkins in Nederland. Tussen 1937 en 1939 werkte hij in Londen samen met Gerry Moore en Zijn Chicago Broeders, Valaida Snow en Vic Lewis, en in die periode maakte hij ook opnamen met Vic Lewis. Hij trad bovendien op met Jack Kluger en Zijn Swingorkest in België. Na zijn terugkeer naar Engeland speelde hij in de Boogie Woogie Club en in 1940 werkte hij samen met Teddy Joyce.

Later richtte hij een groot orkest op, de Clay Pigeons. Die bezetting, met onder meer Ronnie Scott, Tommy Pollard, Norman Stenfalt, Harry Hayes, Max Jones en Kenny Graham, nam in 1941 verschillende titels op en maakte in 1942 nog verdere opnamen. Met lid Tommy Whittle speelde het orkest ook mee in de muziekfilm George in Civvy Street uit 1945.

Racen na de oorlog

Na de Tweede Wereldoorlog beheerde Johnny Claes het familiebedrijf in België, maar tegelijk behoorde hij tot de kleine kring van gentlemen drivers die de autosport in Europa opnieuw op gang brachten. Hij maakte in 1948 zijn Grand Prix-debuut met een privé-Talbot voor Ecurie Belge. In de eerste helft van de jaren vijftig gold hij als een van de toonaangevende Europese racepiloten. Tussen 1950 en 1955 nam hij deel aan 23 wereldkampioenschapsraces, zonder ooit punten te scoren. Buiten het wereldkampioenschap boekte hij wel successen in niet-kampioenschaps-Grand Prix’s en in sportwagenrennen. Zijn eerste overwinning in een eenzitter behaalde hij in 1950 in de Grand Prix des Frontières in Chimay. In 1951 kwam hij tijdens de trainingen voor de Gran Premio di San Remo zwaar in opspraak toen hij met zijn Talbot in het publiek crashte; daarbij viel één dode en waren er drie zwaargewonden onder de toeschouwers. In 1953 won hij de Ralley Luik–Rome–Luik. Ook in de 24 Uur van Le Mans trad hij driemaal aan. In 1954 behaalde hij daar samen met Pierre Stasse een klassezege met een fabrieks-Porsche 550. Een jaar later werd hij met Jacques Swaters derde algemeen in een Jaguar D-Type van Ecurie Francorchamps.

Latere leven en ziekte

In 1955 werd Johnny Claes ernstig ziek door tuberculose, waardoor hij zijn raceactiviteiten moest terugschroeven. In zijn latere jaren maakte hij geen muziek meer, hoewel hij een groot liefhebber van jazz bleef. Hij baatte ook een club uit in Engeland en schreef voor het blad Jazz Hot. Johnny Claes overleed in 1956 aan tuberculose, op 39-jarige leeftijd.

Scroll naar boven