Karel De Gucht werd op 27 januari 1954 geboren in Overmere, vandaag deel van Berlare, als zoon van een boer. Hij behaalde in 1971 een diploma aan het Koninklijk Atheneum van Aalst in Oost-Vlaanderen en studeerde in 1976 rechten aan de Vrije Universiteit Brussel. Nadien bouwde hij een loopbaan uit als advocaat en bleef hij actief in de politiek. Hij is lid van de Vlaamse Liberalen en Democraten en was van 1999 tot 2004 partijvoorzitter. Daarnaast is hij lid van een vrijmetselaarsloge.
De Gucht was van 1980 tot 1994 lid van het Europees Parlement, daarna van de Belgische Senaat en vervolgens van het Parlement van de Vlaamse Gemeenschap. In 2003 werd hij verkozen tot Kamerlid. Vanaf 18 juli 2004 diende hij als minister van Buitenlandse Zaken onder premier Guy Verhofstadt, en vanaf 2008 ook onder Yves Leterme en Herman Van Rompuy. Van 2010 tot 2014 was hij Europees commissaris voor Handel in de Barroso II-Commissie, waarna Cecilia Malmström hem op 1 november opvolgde.
- Welke politieke functies bekleedde Karel De Gucht?
- Hoe verliep de politieke loopbaan van Karel De Gucht?
- Op welke edities van de Bilderbergconferentie was Karel De Gucht aanwezig?
- Met wie is Karel De Gucht getrouwd en wie zijn zijn zonen?
- Welke controverses veroorzaakte Karel De Gucht door zijn uitspraken over Congo, Jan Peter Balkenende, het Verdrag van Lissabon en Fortis?
- Welke controverses ontstonden er rond de uitspraken van Karel De Gucht over het Midden-Oosten en Ierland?
- Welke houding nam Karel De Gucht aan tijdens de Griekse schuldencrisis?
- Welke standpunten nam Karel De Gucht in als Europees commissaris voor Handel?
Politieke loopbaan
Karel De Gucht werd op 27 januari 1954 geboren in Overmere, dat vandaag deel uitmaakt van Berlare. Hij is een Vlaams-Belgisch jurist en politicus van de Open Vlaamse Liberalen en Democraten. Van 2004 tot 2009 was hij Belgisch minister van Buitenlandse Zaken. Daarna was hij van 2010 tot 2014 Europees commissaris voor Handel in de tweede Commissie-Barroso. Op 1 november werd hij in die functie opgevolgd door Cecilia Malmström.
Politieke loopbaan
Karel De Gucht is de zoon van een landbouwer uit Overmere. Hij behaalde in 1971 een diploma aan het Koninklijk Atheneum van Aalst in Oost-Vlaanderen en studeerde in 1976 af als licentiaat in de rechten aan de Vrije Universiteit Brussel. Daarna bouwde hij een loopbaan uit als advocaat en was hij tegelijk actief in de politiek. Hij is lid van een vrijmetselaarsloge en van de partij Open Vlaamse Liberalen en Democraten, waarvan hij van 1999 tot 2004 voorzitter was.
Zijn politieke loopbaan begon op Europees niveau, waar hij van 1980 tot 1994 zetelde in het Europees Parlement. Vervolgens was hij lid van de Belgische Senaat van 1994 tot 1995 en van het Vlaams Parlement van 1995 tot 2003. Bij de federale verkiezingen van 2003 werd hij verkozen in de Kamer van Volksvertegenwoordigers. Op 18 juli 2004 werd hij minister van Buitenlandse Zaken onder eerste minister Guy Verhofstadt. Vanaf 2008 bleef hij die functie uitoefenen onder de eerste ministers Yves Leterme en Herman Van Rompuy. Toen hij toetrad tot de Europese Commissie, nam hij ontslag als minister; Yves Leterme volgde hem op.
Daarnaast was hij in 2006 voorzitter van de OVSE. Op 17 juli 2009 benoemde de Europese Commissie hem tot commissaris voor Ontwikkeling en Humanitaire Hulp. Van februari 2010 tot 2014 was hij Europees commissaris voor Handel in de Commissie-Barroso II. Op 1 november werd hij in die functie opgevolgd door de Zweedse Cecilia Malmström.
Aanwezigheid op de Bilderbergconferentie
Karel De Gucht woonde de Bilderbergconferentie bij in 2010, 2012 en 2015. Deze deelname maakt deel uit van zijn latere loopbaan en politieke activiteiten.
Privéleven
Karel De Gucht is getrouwd met Mireille Schreurs, die politierechter is in Aalst. Het echtpaar heeft twee zonen. Jean-Jacques De Gucht is lid van de Belgische Senaat. Hun andere zoon, Frédéric De Gucht, werd in oktober verkozen tot voorzitter van Open Vlaamse Liberalen en Democraten.
Controverses en diplomatieke spanningen
Tijdens een reis naar Afrika in 2004 zorgde Karel De Gucht voor diplomatieke spanningen door te verklaren dat er problemen waren met de politieke klasse van de Democratische Republiek Congo. Hij stelde ook vraagtekens bij het vermogen van de Congolese regering om corruptie te bestrijden en noemde de regering van president Joseph Kabila chaotisch. Daarop werd hij door minister van Informatie Henri Mova Sakanyi beschuldigd van racisme en koloniale nostalgie; Sakanyi vergeleek hem bovendien met ‘Kuifje in Congo’. De Gucht weigerde die uitspraken over de Congolese regering in te trekken. In juni 2005 ontstond opnieuw commotie toen hij de Nederlandse eerste minister Jan Peter Balkenende vergeleek met Harry Potter en met een stijve burgerlijke zonder charisma. In 2007 verklaarde hij dat het doel van het Verdrag van Lissabon was om onleesbaar te zijn, in tegenstelling tot het duidelijkere grondwettelijke verdrag. In november 2008 werd hij ook beschuldigd van handel met voorkennis in verband met de nakende insolvabiliteit van Fortis Bank en de tussenkomst van de overheid. Daarbij werd gewezen op het feit dat zijn vrouw Mireille Schreurs en zijn schoonbroer op 3 oktober 2008 Fortis-aandelen hadden verkocht, vóór de publieke aankondiging van de overheidsmaatregelen.
Kontroversen rond uitspraken over het Midden-Oosten en Ierland
In september 2010 uitte Karel De Gucht scepsis over het vredesproces in Palestina en de gesprekken in Washington. Hij stelde toen dat de Joodse lobby in het Capitool de best georganiseerde en invloedrijkste is in de Amerikaanse politiek. Ook zei hij dat de meeste Joden buiten Israël ervan overtuigd zijn dat zij gelijk hebben, en dat dit moeilijk met rationele argumenten te weerleggen is. Volgens hem delen zowel religieuze als niet-religieuze Joden dat gevoel van gelijk te hebben. Daarnaast verklaarde hij dat het moeilijk is om een rationeel gesprek over het Midden-Oosten te voeren met gematigde Joden, omdat zij er emotioneel te nauw bij betrokken zijn. De Europese Joodse Congres beschuldigde hem daarop van antisemitisme en vroeg om een verontschuldiging. De Gucht reageerde dat het om persoonlijke meningen ging en zei spijt te hebben van elk misverstand. Hij verduidelijkte ook dat hij antisemitisme afwijst. In april 2012 kwam hij opnieuw onder vuur te liggen nadat hij had gezegd dat Ierland niet langer in recessie was, ondanks een werkloosheid van 15 procent.
Standpunt over de Griekse schuldencrisis
Als commissaris voor Handel in de Europese Commissie verklaarde Karel De Gucht in mei 2012 dat de Europese Centrale Bank en de Europese Commissie werkten aan noodscenario's voor het geval Griekenland zou falen. Hij stelde dat Griekenland de afspraken over besparingen en hervormingen moest naleven. Daarbij waarschuwde hij voor een eindfase in de crisis.
Als Europees commissaris voor Handel
Tijdens zijn ambtsperiode als Europees commissaris voor Handel steunde Karel De Gucht het internationale handelsakkoord ACTA. Op 1 maart 2012 trad hij op in het Europees Parlement als vertegenwoordiger van de aanhangers van ACTA. Zijn onderhandelingsstijl, waarbij publieke en lobby-invloeden werden uitgesloten, kreeg kritiek. In 2013 steunde hij ook de invoering van antidumpingtarieven tegen China voor zonnepanelen.
Daarnaast was De Gucht hoofdonderhandelaar met de Verenigde Staten over het Trans-Atlantisch Partnerschap voor Handel en Investeringen (TTIP). Hij stelde dat TTIP een groeimotor was die nieuwe banen zou creëren, maar kreeg tegelijk kritiek omdat de onderhandelingen onvoldoende transparant zouden zijn en zelfs geheimzinnig werden genoemd. Op 6 maart 2013 zei hij in een interview met Le Monde dat Frankrijk geen land van vrije handel is, en hij bekritiseerde minister Arnaud Montebourg als te defensief tegenover het vrijhandelsakkoord.
Op 20 januari 2014 besliste hij om delen van de vrijhandelsgesprekken drie maanden op te schorten wegens kritische vragen. Hij vreesde ook dat TTIP zou mislukken door weerstand in nationale parlementen. In dat verband bereidde hij een rechtszaak voor tegen lidstaten bij het Europees Hof van Justitie over de vraag wie over het akkoord mocht stemmen. Verder stelde hij dat de Europese Commissie binnen de EU in het algemeen bevoegd is voor handelskwesties. Toen ongeveer 100.000 burgers reageerden op vragen over beleggersprocedures in TTIP en CETA, noemde hij dat een „echte aanval” en vermoedde hij een gecoördineerde actie. In een reportage van januari 2014 werd hij geconfronteerd met een langetermijnstudie over de economische impact van TTIP; nadat die slechts 0,05 procent jaarlijkse groei van het bbp voorspelde, onderbrak hij het interview met de woorden: „Laten we niet argumenteren met cijfers.”