Frank Vandenbroucke

Frank Vandenbroucke tijdens Parijs-Tours 2002
Frank Vandenbroucke tijdens Parijs-Tours 2002

Frank Vandenbroucke was een Belgische wegwielrenner, geboren op 6 november 1974 in Mouscron en overleden op 12 oktober 2009 in Saly Portudal, Petite-Côte, Senegal. Als kind werd hij op vierjarige leeftijd aangereden door een auto tijdens een rally-evenement als toeschouwer. Later onderging hij tijdens zijn carrière vier knieoperaties. In 1986 werd hij Belgisch pupilkampioen atletiek. Hij vroeg in 1989 een wielerlicentie aan en won datzelfde jaar zijn eerste koers in Brakel. Op zeventienjarige leeftijd won hij de Belgische titel bij de debutanten en behaalde hij brons in de junioren wegwedstrijd op de wereldkampioenschappen in Athene. In 1993 begon hij op 19-jarige leeftijd aan zijn profcarrière bij Lotto-Caloi, eerst als stagiair en vanaf 1994 met een profcontract. Zijn onkels Jean-Luc Vandenbroucke was er sportief directeur en zijn vader werkte er als mecanicien. Experts vergeleken hem met Eddy Merckx omwille van zijn kwaliteiten in eendags- en rittenkoersen. In 1995 sloot hij zich aan bij Mapei, waar hij in zijn eerste jaar de Parijs-Brussel won. In 1996 volgden onder meer eindzeges in de Ronde van de Middellandse Zee en de Ronde van Oostenrijk, naast verschillende etappezeges en winst in de Grand Prix Ouest France.

Herkomst en overlijden

Frank Vandenbroucke werd geboren op 6 november 1974 in Moeskroen, België. Hij was een Belgische wegwielrenner. Op 12 oktober 2009 overleed hij in Saly Portudal, aan de Petite-Côte in Senegal.

Van belofte tot topcoureur

Frank Vandenbroucke werd als vierjarige geraakt door een auto tijdens een rally als toeschouwer. Tijdens zijn loopbaan onderging hij ook vier knieoperaties. Toch zette hij door en liet hij al vroeg zijn talent zien. In 1986 werd hij Belgisch pupilkampioen in de atletiek. In 1989 vroeg hij een wielerlicentie aan en won hij meteen zijn eerste koers in Brakel. Nog datzelfde jaar werd hij Belgisch kampioen bij de debutanten. Daarna behaalde hij ook brons in de junioren wegwedstrijd op het WK wielrennen in Athene.

In 1993 begon hij op 19-jarige leeftijd aan zijn profcarriere bij Lotto-Caloi. Zijn eerste jaar reed hij er als stagiair, waarna hij in 1994 een profcontract tekende. Bij Lotto-Caloi was zijn oom Jean-Luc Vandenbroucke sportief directeur en was zijn vader mecanicien. Experts vergeleken hem met Eddy Merckx, omdat hij zowel eendagswedstrijden als rittenkoersen kon winnen.

In het voorjaar van 1995 stapte hij over naar Mapei. In zijn eerste jaar daar won hij de semi-klassieker Parijs-Brussel. In 1996 volgden meerdere zeges: hij won het eindklassement in de Ronde van de Middellandse Zee en de Ronde van Oostenrijk, met daarbij ook verschillende ritoverwinningen. Daarnaast schreef hij de Grand Prix Ouest France en de Scheldeprijs op zijn naam. In 1997 won hij Rund um Köln en de Ronde van Luxemburg. Een jaar later volgden opnieuw grote successen met winst in Gent-Wevelgem, Parijs-Nice, inclusief twee ritoverwinningen, en de Ronde van de Provincie Namen, opnieuw met twee etappezeges.

Dopingzaken en ploegwissels

In 1999 werd Frank Vandenbroucke betrokken bij een dopingonderzoek door zijn contacten met Bernard Sainz. Hij gaf toe dat hij onbekende stoffen van Sainz had ontvangen, maar er werd niet bewezen dat hij effectief doping had gebruikt. Ondanks die controverse behaalde hij dat jaar ook sportieve successen: hij won twee ritten en het puntenklassement in de Vuelta a España en eindigde derde in het eindklassement van de Cycling World Cup op basis van zijn lentevorm.

In december 1999 kondigde hij aan zijn contract met Cofidis te willen verbreken, omdat hij de schorsing als respectloos ervoer. In januari 2000 trok hij die beslissing weer in nadat hij geen ploeg had gevonden die beter betaalde. Zijn contract bij Cofidis werd vervolgens met een jaar ingekort, maar zijn loon bleef behouden tot eind 2001. Het seizoen 2000 werd vooral gekenmerkt door afgelastingen van koersen, terwijl hij kampte met zware depressie.

Voor het seizoen 2001 tekende hij bij het Italiaanse Lampre-Daikin voor één jaar. Zijn terugkeer werd uitgesteld en in april 2001 stapte hij uiteindelijk vroeg af in de Ronde van het Baskenland. Dat was zijn laatste koersoptreden voor Lampre in april 2001, nog voor hij in de zomer van 2001 een zenuwinzinking kreeg. Daarna verklaarde hij dat hij nooit meer voor Lampre zou rijden.

In 2002 werd hij opnieuw onder de hoede genomen door Patrick Lefevere bij Domo-Farm Frites, waar hij ook Johan Museeuw terugzag. Eind februari 2002 werd hij echter zonder opzeg ontslagen wegens bezit van dopingproducten, in verband gebracht met dokter Bernard Sainz. In maart 2002 kreeg hij na een hoorzitting van 45 minuten van de UCI een schorsing van zes maanden voor bezit van dopingstoffen. Hij stelde dat de gevonden Clenbuterol voor zijn hond was en dat de EPO uit een eerdere periode in zijn leven stamde. Er was op dat moment geen positieve dopingtest. Hij ging in beroep tegen de schorsing, moest ondanks interesse van enkele ploegen zijn terugkeer uitstellen, en zijn schorsing werd in juni 2002 opgeheven wegens een procedurefout. In juli 2002 volgde wel nog een schorsing van 18 maanden door de Vlaamse autoriteiten, waarvan twaalf maanden met uitstel en alleen van toepassing in Vlaanderen. Eind juli 2002 maakte hij zijn comeback bij Domo-Farm Frites.

Voor 2003 stapte hij samen met Lefevere over naar Quick Step-Davitamon. Twee dagen voor zijn Vlaamse schorsing afliep, werd hij door de Vlaamse autoriteiten verboden om de routes van Omloop Het Volk en de Ronde van Vlaanderen te rijden. Toch eindigde hij in 2003 tweede in de Ronde van Vlaanderen, achter Peter Van Petegem, en probeerde hij die op de laatste hellingen nog af te schudden vanwege zijn nadeel in de sprint.

In oktober 2003 kondigde hij zijn vertrek bij Quick Step aan na een conflict met sportdirecteur Patrick Lefevere. Voor het seizoen 2004 vond hij een nieuwe ploeg bij Fassa Bortolo, waar hij als vervanger van Michele Bartoli werd gecontracteerd. In de late zomer van 2004 kreeg hij intern kritiek en in augustus 2004 werd hij opnieuw zonder opzeg ontslagen.

Jaren bij MrBookmaker.com-Palmans en Unibet.com

Frank Vandenbroucke tekende op 14 september 2004 bij MrBookmaker.com-Palmans. Zijn contract werd daarna verlengd tot na het seizoen 2004. In diezelfde periode kreeg hij een straf van 200 uur gemeenschapsdienst wegens het bezit van doping uit 2002. Die straf werd als mild beschouwd, omdat een psychiatrisch rapport melding maakte van een verlies van realiteitszin. Vandenbroucke ging in beroep, waarna een nieuwe rechtszaak eindigde met een geldboete van 250.000 euro.

Sportief bleef hij ondanks het uitblijven van succes bij MrBookmaker.com in 2005. Ook in 2006 bleef hij bij de ploeg, die toen Unibet.com heette. In juli 2006 kwam daar een einde aan: Unibet.com ontsloeg hem medio juli.

Italiaanse koersen en een nieuw contract

Na zijn ontslag nam Vandenbroucke deel aan hobbykoersen in Italië met een vals licentie. Daarbij zou hij de naam Francesco Del Ponte hebben gebruikt om aan koersen deel te nemen, en op de licentiekaart stond een foto van Tom Boonen. Hij vertoonde daarbij ongewoon koersgedrag, zoals alleen op kop rijden en kort voor de finish stoppen. Er werd ook beweerd dat hij aan een koers in de juniorencategorie in Italië had deelgenomen. Vandenbroucke bevestigde wel dat hij aan Italiaanse koersen had meegedaan, maar ontkende dat hij de naam Francesco Del Ponte en de foto van Boonen had gebruikt. Eind augustus 2006 kreeg hij een nieuw contract bij het Professional Continental Team Acqua e Sapone, maar in de rest van dat seizoen behaalde hij daar geen opmerkelijke resultaten.

Dopingzaak en autobiografie

Op 24 januari 2007 werd Frank Vandenbroucke door de procureur van de Waalse gemeenschap in Dinant in verdenking gesteld voor het bezit van doping. De aanklacht verwees naar feiten uit 2000, toen hij bij het Franse team Cofidis werkte. Tijdens de procedure tegen dopingleverancier Ferdi Robijns werd Vandenbroucke door Robijns genoemd als klant, maar bij zijn verhoor ontkende hij de dopingbeschuldigingen. Op 14 maart 2007 sprak het hof van beroep in Brussel hem vrij.

Enkele weken eerder, op 5 februari 2007, verscheen zijn eerste boek, de autobiografie Ik ben God niet. In dat boek gaf Vandenbroucke toe dat hij doping met EPO had gebruikt.

Suïcidepoging en herstel in 2007

Op 6 juni 2007 ondernam Frank Vandenbroucke een suïcidepoging door een overdosis slaapmiddelen in te nemen. Zijn ploegmaat Simone Masciarelli vond hem die avond bewusteloos thuis. Vandenbroucke werd succesvol gereanimeerd en overgebracht naar de intensieve zorg van Clinic Fornaroli di Magenta in Milaan. Daar was zijn toestand aanvankelijk kritiek, maar niet levensbedreigend.

Later verklaarde Vandenbroucke via een Vlaamse krant dat hij vrijwillig naar de kliniek in Milaan was gegaan wegens een verergerende depressie door privéproblemen. Die uitleg strookte niet met de versie van Simone Masciarelli, Jean-Jacques Vandenbroucke en Jean-Luc Vandenbroucke. Op 11 juni 2007 verliet hij de Milanese kliniek, vijf dagen na de suïcidepoging.

In een interview op de Italiaanse televisie gaf hij vervolgens toe dat hij de suïcidepoging had ondernomen en schreef hij die toe aan een uitzichtloze situatie. In datzelfde gesprek kondigde hij ook een nakende comeback aan. Eind juni 2007 zocht hij samen met Jean-Jacques Vandenbroucke psychiatrische hulp in een kliniek, maar hij dreigde er het personeel en volgde de behandeling niet. Daarna werd hij gedwongen opgenomen. Een kwart jaar na de suïcidepoging keerde hij terug in het wielrennen.

Latere sportieve stappen en omstreden periodes

Voor het seizoen 2008 stapte Frank Vandenbroucke over van Acqua & Sapone naar het Belgische derdeklasseploegje Mitsubishi-MKG. Hij ondertekende daar een contract voor één jaar, maar dat werd in onderling overleg beëindigd op 18 april 2008. Tijdens politieonderzoeken werd hij ook genoemd als klant van een drugsnetwerk.

In 2009 reed hij enkele wedstrijden voor Team Cinelli-Down Under. In april won hij de individuele tijdrit van de tweede etappe in de Boucles d’Artois en hij eindigde daar uiteindelijk derde in het algemeen klassement. In de zomer van 2009 kwam zijn engagement bij Cinelli tot een einde, naar verluidt door onbetaalde lonen. Daarna nam hij in augustus en september 2009 deel aan lokale criteriums zonder sponsor. Volgens persberichten werkte hij ook in de public relations voor een fabrikant van bouwmaterialen.

Overlijden in Senegal

Op 12 oktober 2009 werd Frank Vandenbroucke dood aangetroffen in een hotel tijdens een vakantie in Senegal. Hij was 34 jaar oud. Volgens de overlijdensakte was de doodsoorzaak een longembolie. Een autopsie bevestigde die longembolie, stelde ook een hartafwijking vast en wees op langdurig drugsgebruik.

Privéleven en problemen

Frank Vandenbroucke was eerder gehuwd met Clothilde Menu. Uit dat eerste huwelijk werd in 1999 dochter Cameron geboren. Op 19 oktober 2000 trouwde hij burgerlijk met Sarah Pinacci, gevolgd door een kerkelijke ceremonie op 22 oktober 2000. Uit dat tweede huwelijk werd in december 2001 dochter Margaux geboren. Vandenbroucke was daarmee vader van twee dochters.

In december 2002 kwam hij in opspraak toen hij, onder invloed van 1,7 promille alcohol, zijn vrouw vergat en met de auto inreed op een politiecontrole. Later bedreigde hij de politie met een wapen in zijn woonst, waarna de Belgische politie hem arresteerde. In juni 2007 bevestigde Vandenbroucke dat zijn tweede huwelijk op een breuk leek af te stevenen, omdat zijn echtgenote een scheiding wilde.

Zijn familiebanden reikten ook buiten zijn directe gezin: zijn oom Jean-Luc Vandenbroucke was een beroepsrenner die actief en succesvol was in de jaren 1970 en 1980.

Scroll naar boven