Guido Gezelle was de zoon van Pieter-Jan Gezelle, tuinier, en Monica Devriese. Hij studeerde aan het klein seminarie van Roeselare en het groot seminarie van Brugge en werd in 1854 tot priester gewijd. Daarna was hij collegeprofessor in Roeselare, met verantwoordelijkheid voor poësis en Engelse leerlingen. In die Franstalige schoolomgeving verdedigde hij het Vlaamse taalgebruik. In 1858 verschenen zijn eerste dichtbundels, Vlaemsche Dichtoefeningen en Kerkhofblommen.
In 1860 werd hij professor aan het Engels college in Brugge en in 1861 onderrector, tot de sluiting van datzelfde college. Daarna werd hij professor aan het Seminarium Anglo-Belgicum. In 1865 werd hij pastoor in de Sint-Walburgaparochie in Brugge en stichtte hij het Vlaamse tijdschrift Rond den Heerd. Wegens gezondheid en geldgebrek droeg hij het blad in 1871 over aan Adolf Duclos. Na een bisschoppelijke sanctie in 1872, wegens zijn verdediging van het proletariaat, werd hij pastoor van de Onze-Lieve-Vrouweparochie in Kortrijk, waar hij bleef tot 1889. Hij bleef schrijven voor de katholieke Vlaamse pers, nam deel aan de schoolstrijd van 1879 tot 1884, stichtte Loquelia in Kortrijk en keerde in 1889 terug naar Brugge. Zijn laatste pastorale functie was directeur van het Engels klooster van Onze-Lieve-Vrouw van Nazareth in Brugge. Met professoren van het Sint-Lodewijkscollege stichtte hij ook Biekorf.
- Hoe verliepen Guido Gezelles loopbaan als priester en leraar, en wanneer publiceerde hij zijn eerste dichtbundels?
- Hoe verliep Guido Gezelles loopbaan als pastoor en tijdschriftschrijver in Brugge en Kortrijk?
- In welke taalvariant en met welke stijlkenmerken schreef Guido Gezelle zijn poëzie?
- Hoe werd Guido Gezelle geëerd na zijn leven?
Onderwijs, taalstrijd en eerste dichtbundels
Guido Gezelle was de zoon van Pieter-Jan Gezelle, tuinier, en Monica Devriese. Hij studeerde aan het kleinseminarie van Roeselare en aan het grootseminarie van Brugge. In 1854 werd hij tot priester gewijd. Daarna werd hij hogeschoolleraar in Roeselare, waar hij instond voor de poësis en de Engelse leerlingen. In die Frans-gedomineerde school verdedigde hij het Vlaams. In 1858 verschenen zijn eerste dichtbundels, Vlaemsche Dichtoefeningen en Kerkhofblommen. In 1860 werd hij leraar Engels aan het college van Brugge. Een jaar later werd hij onderrector, tot de sluiting van het college in hetzelfde jaar. Na 1861 werd hij professor aan het Seminarium Anglo-Belgicum.
Pastoraat en journalistiek werk
In 1865 werd Guido Gezelle benoemd tot kapelaan in de parochie Sint-Walburga in Brugge. In datzelfde jaar stichtte hij het Vlaamse tijdschrift Rond den Heerd. Wegens gezondheidsproblemen en financiële moeilijkheden droeg hij Rond den Heerd in 1871 over aan Adolf Duclos. In 1872 kreeg Gezelle van zijn bisschop een berisping omdat hij de arbeidersklasse verdedigde. Datzelfde jaar werd hij benoemd tot kapelaan van de Onze-Lieve-Vrouwparochie in Kortrijk, waar hij tot 1889 bleef. Tijdens deze periode bleef hij schrijven voor de Vlaamse katholieke pers en nam hij deel aan de schoolstrijd van 1879 tot 1884. In Kortrijk richtte hij ook het tijdschrift Loquelia op. In 1889 keerde Gezelle terug naar Brugge. Zijn laatste pastorale functie was die van directeur van het Engelse klooster Onze-Lieve-Vrouw van Nazareth in Brugge. Samen met professoren van het Sint-Lodewijkscollege stichtte hij er ook het tijdschrift Biekorf. Hij overleed in Brugge.
Taalgebruik en stijl
Guido Gezelle schreef zijn poëzie in een West-Vlaamse variant van het Nederlands. Zijn werk bevat neologismen, archaïsmen en dialectuitdrukkingen. Daarmee sluit zijn taalgebruik nauw aan bij de streektaal, terwijl het tegelijk een eigen, opvallende stilistische rijkdom krijgt.
Erkenning en herdenking
Guido Gezelle kreeg tijdens en na zijn leven verschillende vormen van erkenning. Hij werd onderscheiden door koning Leopold II en gehuldigd door de Vlaamse Academie, de Universiteit van Leuven, zijn bisschop en paus Leo XIII. Ook zijn geboortehuis in Brugge werd sinds 1926 ingericht als het Gezellemuseum. Daarnaast kregen in verschillende Belgische steden straten of pleinen zijn naam, waaronder het Guido Gezelleplein in Brugge en de Guido Gezellestraat in Brussel. In 2012 werd Gezelle bovendien verkozen tot de grootste held van Brugge.