Gotye

Gotye, Belgische-Australische muzikant en zanger
Gotye, Belgische-Australische muzikant en zanger

Gotye, geboren als Wouter André De Backer op 21 mei 1980, is een Belgisch-geboren Australische singer-songwriter en multi-instrumentalist. Hij werd in België geboren en verhuisde met zijn familie op tweejarige leeftijd naar Australië. Het gezin woonde eerst in Sydney en vestigde zich later in Montmorency, Victoria. De naam Gotye kreeg hij van zijn moeder, gebaseerd op ‘Gauthier’, de Franse equivalent van de Vlaamse voornaam. Bij zijn inschrijving op school kozen zijn ouders voor de Engelse variant Walter.

Gotye is een oprichtend lid van het Melbourne indie-poptrio the Basics, waarmee hij sinds 2002 vijf studioalbums en verschillende andere titels onafhankelijk uitbracht. Daarnaast bracht hij ook drie studioalbums zelfstandig uit en een album met remixes van nummers uit zijn eerste twee albums. Internationale bekendheid kreeg hij met de single Somebody That I Used to Know uit 2011, een samenwerking met Kimbra. Het nummer stond bovenaan de Billboard Hot 100 en meerdere internationale hitlijsten, en werd de bestverkochte song van 2012. Op de 55e jaarlijkse Grammy Awards won het Record of the Year en Best Pop Duo/Group Performance, terwijl het album Making Mirrors de prijs voor Best Alternative Music Album kreeg. Gotye won daarnaast vijf ARIA Awards en kreeg een nominatie voor een MTV EMA voor Best Asia and Pacific Act.

Doorbraak en erkenning

Gotye, geboren als Wouter André De Backer op 21 mei 1980, is een Belgisch-Australische singer-songwriter en multi-instrumentalist. Zijn grote internationale doorbraak kwam in 2011 met de single Somebody That I Used to Know, waaraan Kimbra meewerkte. Het nummer bereikte de eerste plaats in de Billboard Hot 100, stond bovenaan in verschillende internationale hitlijsten en groeide uit tot het bestverkochte lied van 2012. Ook op het vlak van prijzen kreeg het nummer veel erkenning: Somebody That I Used to Know won Record of the Year en Best Pop Duo/Group Performance bij de 55th Annual Grammy Awards. Daarnaast won ook het album Making Mirrors de Grammy voor Best Alternative Music Album. Gotye zelf won vijf ARIA Awards en kreeg bovendien een nominatie voor een MTV EMA in de categorie Best Asia and Pacific Act. Naast zijn solowerk bracht hij drie studioalbums onafhankelijk uit en een album met remixes van nummers uit zijn eerste twee albums. Ook is hij een stichtend lid van het Melbourne indiepoptrio the Basics, dat sinds 2002 vijf studioalbums en nog verschillende andere titels onafhankelijk heeft uitgebracht.

Jeugd en muzikale vorming

Gotye werd in België geboren en verhuisde op tweejarige leeftijd met zijn familie naar Australië. Het gezin woonde eerst in Sydney en vestigde zich later in Montmorency, Victoria. Zijn moeder gaf hem de bijnaam Gotye, gebaseerd op Gauthier, de Franse tegenhanger van zijn Vlaamse voornaam. Bij de inschrijving op school kozen zijn ouders ervoor om de Engelse evenknie Walter te gebruiken.

Voor zijn middelbare school ging Gotye naar Parade College in Bundoora, waar hij in zijn laatste jaar schoolcaptain was. Intussen ontwikkelde hij een sterke belangstelling voor muziek. Hij leerde verschillende instrumenten bespelen, met bijzondere aandacht voor piano en drums. Als tiener luisterde hij obsessief naar Depeche Mode's album Songs of Faith and Devotion, een plaat die hij later noemde als inspiratie om zelf opnames te maken.

Op school vormde hij samen met drie vrienden, onder wie Lucas Taranto, de band Downstares. Nadat zij hun middelbare school hadden afgerond, gingen de groepsleden elk hun eigen weg, waardoor Gotye zonder muzikaal uitlaatklep kwam te zitten. In 2001 verhuisden zijn ouders naar een nieuwe woning en bleef hij in het oude familiehuis in Montmorency wonen, samen met twee vrienden. Dat huis, The Frat House genoemd, kreeg nog een extra muzikale betekenis toen een oudere buurman hem een grote verzameling oude platen gaf, nadat hij Downstares had horen repeteren. Gotye zette zijn studies verder aan de Universiteit van Melbourne en behaalde daar een Bachelor of Arts.

Eerste opnames en doorbraak

In 2001 nam Gotye zijn eerste tracks op, vooral met samples. Hij bracht een eerste cd-collectie uit met vier nummers, waaronder Out Here in the Cold, en maakte daar ongeveer 50 exemplaren van. Elke cd werkte hij met de hand af: hij schreef de tracklijst zelf en kleurde de hoes met potlood in. Voor dit project koos hij de naam Gotye.

De cd's stuurde hij naar radiostations en naar contacten uit de muziekindustrie die hij in het telefoonboek vond. Om zeker te zijn dat de exemplaren aankwamen, belde hij de contacten ook op. De reacties waren vooral positief, onder meer vanuit Melbourne street press en Triple J. Enkele tracks van deze collecties werden op Triple J gedraaid. Gotye maakte de cd's volledig zelf en bleef zoeken naar manieren om een publiek te bereiken.

Daarna volgden nog twee vier-trackcollecties, die ook positieve recensies kregen. Creative Vibes bood hem vervolgens een distributiedeal aan voor een album. Zijn albumcover bestond uit een schilderij van De Backers vader, dat uit een tuin was gered. Boardface verscheen eind 2003.

In die periode ontmoette hij Kris Schroeder op een feestje in Mt Eliza. Samen traden ze op onder de naam The Basics. Tussen 2004 en 2010 bracht The Basics vier albums uit. Gotye bleef tegelijk optreden met The Basics en tracks opnemen onder de naam Gotye. Hij verhuisde verschillende keren, waarbij hij telkens zijn home recording studio meeverhuisde. Na de verkoop van The Frat House door zijn ouders in 2004 ging hij wonen in een gedeeld huis in South East Melbourne en werkte hij in een lokale bibliotheek.

Later noemde hij zijn tweede Gotye-album Like Drawing Blood. Ook begon hij een werkrelatie met manager Danny Rogers, die hij eerst via e-mail benaderde.

Doorbraak met Like Drawing Blood

In mei 2006 werd Like Drawing Blood opgepikt door Triple J. Het album kreeg daarna meteen sterke erkenning: het werd door luisteraars verkozen tot nummer 1 in de poll voor Best Album of 2006 en werd in datzelfde jaar genomineerd voor een J Award. Ook de losse nummers haalden mooie resultaten. "Learnalilgivinanlovin" verscheen in augustus 2006 als eerste single, terwijl "Learnalilgivinanlovin" en "Hearts a Mess" respectievelijk op nummer 94 en nummer 8 belandden in Triple J's Hottest 100 voor 2006.

Later in 2006 volgden nog meer onderscheidingen. Like Drawing Blood werd genomineerd voor een ARIA Award voor beste onafhankelijke release en won tijdens de eerste Australian Independent Record (AIR) Chart Awards de prijs voor Most Outstanding New Independent Artist. Het album haalde ook de shortlist van negen finalisten voor de Australian Music Prize van 2006. In Australi oe werd Like Drawing Blood bekroond met platina voor meer dan 70.000 verkochte exemplaren.

De erkenning hield niet op na 2006. Gotye won in 2007 de ARIA Award voor best male artist. Na die ARIA Awards keerde Like Drawing Blood terug in de ARIA-albumlijst op nummer 36, terwijl Mixed Blood daar debuteerde op nummer 44. In 2008 won Like Drawing Blood de titel iTunes album of the year in het Verenigd Koninkrijk. Datzelfde jaar kwamen "Learnalilgivinanlovin" en "Hearts a Mess" ook in de hitlijsten in Belgie terecht, en "Learnalilgivinanlovin" kreeg airplay op Nederlandse radiostations.

Making Mirrors en de doorbraak van Somebody That I Used to Know

Eind maart 2011 maakte Gotye de titel van zijn volgende album bekend: Making Mirrors. Die titel was geïnspireerd op een kunstwerk dat zijn vader in de jaren 1980 had geschilderd. Gotye vond het terug tussen oude rekeningen en kranten in de schuur van zijn ouders. Daarna bewerkte hij het kunstwerk in Photoshop, zodat het de albumhoes werd.

Op 6 juli 2011 bracht Gotye de opvolger van Eyes Wide Open uit: Somebody That I Used to Know, met de Nieuw-Zeelandse muzikante Kimbra. De single debuteerde op nummer 27 in de ARIA Top 50 Singles Chart en schoof ondanks het uitblijven van airplay op commerciële radiostations snel verder omhoog. Daarbij kreeg het nummer extra aandacht door steunbetuigingen van Ashton Kutcher en Lily Allen via Twitter. Uiteindelijk bereikte Somebody That I Used to Know nummer 1 in de Billboard Hot 100. Het werd daarmee de best verkopende song van 2012. Gotye werd de vijfde in Australië gevestigde artiest die de Billboard Hot 100 aanvoerde, en de tweede in België geboren Australische artiest die dat deed, na The Singing Nun in 1963.

Het succes van de single was ook internationaal groot. In Australië behaalde het nummer 11 keer platina, goed voor 770.000 verkochte eenheden, en in de Verenigde Staten 8 keer platina met 8.000.000 verkochte eenheden. Het nummer haalde de eerste plaats in 18 landen, waaronder Australië, België, Nederland, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten, en stond op nummer 1 in 46 landen op iTunes. De filmclip werd al op 5 juli 2011 uitgebracht op YouTube en Vimeo, geregisseerd door Natasha Pincus. Die video werd meer dan 2,4 miljard keer bekeken en kreeg op 6 oktober 2011 de Melbourne Design Award. Het nummer eindigde ook op de derde plaats in de Vanda & Young Global Songwriting Competition van 2011.

Later in 2011 verschenen nog meer beelden bij muziek van Making Mirrors: op 8 augustus kwam de geanimeerde clip voor Bronte online, gevolgd door de korte documentaire Making Making Mirrors over het opnameproces van het album. Op 13 augustus verscheen ook de clip voor State of the Art. Making Mirrors zelf kwam uit en ging in zijn eerste week meteen naar nummer 1 in de Australische ARIA albumlijst. Daarmee was Gotye de eerste Australische act sinds Silverchair in 2007 die tegelijk zowel de nummer 1-single als het nummer 1-album in handen had.

Internationale doorbraak van Making Mirrors

Making Mirrors zorgde voor een sterke internationale doorbraak. Het album haalde de Top 10 in 17 landen en bereikte in zes landen zelfs de eerste plaats. In de Verenigde Staten kwam het op nummer 7 in de Billboard 200, en ook in Canada stond het genoteerd. Commercieel kreeg het album meerdere bekroningen: in Australii behaalde het 3x Platinum, terwijl het in Frankrijk, Polen en Belgie Platinum kreeg. In de Verenigde Staten, Nieuw-Zeeland, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk, Ierland, Canada en Nederland werd Gold toegekend.

ARIA-nominaties en prijzen in 2011

Op 11 oktober 2011 werd Gotye zeven keer genomineerd voor de ARIA Awards. Die zeven nominaties hadden allemaal te maken met het nummer Somebody That I Used to Know. Making Mirrors kwam niet in aanmerking voor ARIA-nominaties door de beperkingen in de releasedatum. Gotye werd genomineerd voor Highest Selling Single, Single of the Year, Best Pop Release en Best Male Artist. In de ARIA Artisan-categorie ontving hij nominaties voor Best Video voor Natasha Pincus, Engineer of the Year voor Francois Tetaz en Producer of the Year voor Wouter De Backer.

Op diezelfde dag won Gotye samen met de albummedewerkers alle drie de ARIA Artisan-prijzen. Later, op 27 november 2011, volgden nog meer onderscheidingen. Gotye won toen Best Male Artist, Best Pop Release en Single of the Year voor Somebody That I Used to Know. Kimbra won de ARIA-prijs voor Best Female Artist voor haar samenwerking op Somebody That I Used to Know.

Filmclips voor Don't Worry, We'll Be Watching You

Op 18 oktober 2011 bracht Gotye via YouTube en Vimeo een filmclip uit voor Dont Worry, We'll Be Watching You. De beelden waren geanimeerd en werden geregisseerd door Benjamin Drake en Eddie White. Later volgde op 20 november 2011 nog een tweede filmclip voor hetzelfde nummer, opnieuw via YouTube en Vimeo. Voor die versie zorgden Greg Sharp en Ivan Dixon bij Rubber House voor de animatie en regie.

Internationale doorbraak in 2012

Op 1 februari 2012 maakte Gotye zijn Amerikaanse televisiedebuut in Jimmy Kimmel Live!, waar hij Eyes Wide Open, Somebody That I Used to Know met Kimbra en State of The Art bracht. Niet lang daarna bleef Somebody That I Used to Know stevig aan populariteit winnen. Het nummer haalde op 12 februari de eerste plaats in de Britse hitlijst, zakte een week later weer weg, maar keerde op 26 februari terug naar nummer 1. Vanaf die datum bleef het nog vijf weken op de eerste plaats staan.

Op 24 februari 2012 bracht Gotye ook een filmclip voor Easy Way Out uit via YouTube en Vimeo. Die videoclip kreeg later erkenning op het 2013 Byron Bay International Film Festival, waar hij de prijs voor Best Music Video won. In maart en april volgden nog meer belangrijke optredens en mediaoptredens. Zo werd Gotye op 7 april 2012 geïnterviewd in National Public Radio's All Things Considered, en op 14 april trad hij op in Saturday Night Live met Somebody That I Used to Know en Eyes Wide Open.

Zijn grootste Amerikaanse succes volgde kort daarna, toen Somebody That I Used to Know de week die eindigde op 28 april 2012 op nummer 1 van de Billboard Hot 100 stond. Daarmee scoorde Gotye zijn eerste Amerikaanse nummer 1-hit en werd hij de eerste Australische artiest die sinds Savage Garden in 2000 de Amerikaanse top bereikte. In april 2012 brak het nummer ook een 47 jaar oud record in Nederland. Later, op 31 mei 2012, kondigde Gotye aan dat er op 8 juni een digitale compilatie zou verschijnen met tien officiële remixes van Somebody That I Used to Know.

Nieuwe projecten en samenwerkingen

In de jaren na zijn grote doorbraak bleef Gotye op uiteenlopende manieren actief, ook al gaf hij in een online nieuwsbrief aan dat er vanaf 2014 geen nieuwe muziek onder de naam Gotye zou verschijnen. In 2013 werkte hij mee aan Fractured Heart, een interactieve sculptuur van geluid en licht die door illuminart samen met hem werd ontworpen en gebouwd. Die installatie werd op 15 februari 2013 voorgesteld aan het National Film and Sound Archive in Canberra. In dezelfde periode stelde en presenteerde Gotye ook een speciale vertoning van werk van enkele van zijn favoriete animators.

In 2014 trad hij samen met Tex Perkins en Nicky Bomba op ten voordele van The Thin Green Line Foundation. Dat jaar richtte hij met Tim Shiel ook het onafhankelijke platenlabel Spirit Level op, waarop hij de Amerikaanse band Zammuto tekende. Hoewel er geen nieuwe Gotye-muziek zou verschijnen, bleef hij wel actief als drummer en zanger van The Basics. Die groep bracht in 2014 het album The Lucky Country uit en volgde in 2015 met The Age of Entitlement. Voorafgaand aan de verkiezingen voor het parlement van Victoria in 2014 vormde The Basics zelfs een politieke partij, The Basics Rock 'n' Roll Party, maar Gotye ontkende dat hij zelf de politiek in wilde.

Gotye bleef ook nadien als gastmuzikant opduiken. In 2016 was hij te horen als vocalist op The Way You Talk van Bibio's album A Mineral Love. In 2017 verleende hij zijn stem aan The Outfield, de debuutsingle van het project The Night Game van Martin Johnson. Op dat moment koos hij er ook voor om online advertenties op zijn muziekvideo's niet toe te laten, ook niet op Somebody That I Used to Know, dat in 2017 bijna een miljard keer was bekeken op YouTube.

Later in 2016 stelde Gotye in New York zijn groep Ondioline Orchestra voor. Die formatie bracht hulde aan Jean-Jacques Perrey, die op 4 november 2016 op 87-jarige leeftijd overleed. In mei 2017 lanceerde Gotye het label Forgotten Futures, waarvan de eerste uitgave Jean-Jacques Perrey et son Ondioline was, een compilatie van zeldzame en eerder onuitgebrachte opnames van Perrey. In een interview met Australia's Broadsheet in 2018 sprak Gotye ook over het klankbereik en de mechaniek van de ondioline. Op 13 februari 2018 voerde hij met zijn Ondioline Orchestra Circuit Breakers: Gotye Presents a Tribute to Jean-Jacques Perrey op tijdens Roulette's Mixology Festival in New York.

Ook in 2018 en daarna bleef hij op andere manieren aanwezig. In maart 2018 verscheen het album Pulling the Stitching Out van Les Campbell, waarop Gotye op alle tien nummers te horen is. In juli 2018 werd zijn dochter Léonie geboren. In augustus 2018 schreef hij een originele versregel voor Broods' single Eyes a Mess en werd hij daar ook in gesampled. In juni 2018 gaf hij aan dat hij van plan was een vierde studioalbum uit te brengen en dat daar een eerbetoon aan Perrey op zou komen. In november 2019 bracht The Basics het vijfde studioalbum B.A.S.I.C. uit, en in juli 2020 verscheen Gotye's livealbum Live at The Songroom (Season 2, Episode 9), opgenomen in 2018 voor een webreeks, met onder meer zijn bandmaten van The Basics en Monty Cotton.

Scroll naar boven