Guy Verhofstadt

Officieel portret van Guy Verhofstadt in 2019
Officieel portret van Guy Verhofstadt in 2019

Guy Verhofstadt werd geboren op 11 april 1953 in Dendermonde. Hij is een Belgische politicus die een lange loopbaan uitbouwde in de nationale en Europese politiek. Tijdens zijn studie rechten aan de Universiteit Gent was hij van 1972 tot 1974 voorzitter van het Liberaal Vlaams Studententverbond. Later werd hij secretaris van Willy De Clercq, toen voorzitter van de Vlaamse liberale partij (PVV). In 1982 werd hij op 29-jarige leeftijd partijvoorzitter van de PVV. Verhofstadt werd in 1985 verkozen in de Kamer van Volksvertegenwoordigers en was van 1985 tot 1992 vice-eerste minister en minister van Begroting onder premier Wilfried Martens. Van 1999 tot 2008 was hij premier van België. Daarna was hij van 2009 tot 2024 lid van het Europees Parlement voor België. In het Europees Parlement leidde hij van 2009 tot 2019 de Alliantie van Liberalen en Democraten voor Europa, was hij medeoprichter van de Spinelli Group in 2010 en vervulde hij van 2016 tot 2020 de functies van Brexit Coördinator en voorzitter van de Brexit Steering Group. In 2014 was hij de ALDE-kandidaat voor het voorzitterschap van de Europese Commissie.

Europese rol en partijleiderschap

Guy Verhofstadt was van 2009 tot 2024 lid van het Europees Parlement voor België. In die periode leidde hij van 2009 tot 2019 de fractie van de Alliance of Liberals and Democrats for Europe in het Europees Parlement. In 2010 was hij medestichter van de interparlementaire Spinelli Group. Tijdens de Europese verkiezingen van 2014 was hij de kandidaat van de ALDE Party voor het voorzitterschap van de Europese Commissie. Later, van 2016 tot 2020, vervulde hij twee belangrijke functies in het kader van de Britse uittreding: hij was Brexit Coordinator van het Europees Parlement en voorzitter van de Brexit Steering Group. Voorafgaand aan deze Europese mandaten was hij al een ervaren Belgisch politicus. Hij was van 1985 tot 2009 lid van de Kamer van Volksvertegenwoordigers, en van 1985 tot 1992 viceminister-president en minister van Begroting van België. Van 1999 tot 2008 was hij eerste minister van België.

Opkomst binnen de liberale politiek

Guy Verhofstadt werd in 1953 geboren in Dendermonde. Tijdens zijn studies rechten aan de Universiteit Gent werd hij van 1972 tot 1974 voorzitter van het Liberaal Vlaams Studententverbond. Daarna werd hij secretaris van Willy De Clercq, die op dat moment voorzitter was van de Vlaamse liberale partij, de PVV. In 1982 werd Verhofstadt op 29-jarige leeftijd zelf voorzitter van de PVV.

In 1985 werd hij verkozen in de Kamer van Volksvertegenwoordigers. Vervolgens werd hij vice-eerste minister en minister van Begroting onder premier Wilfried Martens. Door zijn economische opvattingen en zijn jonge leeftijd kreeg hij de bijnaam Baby Thatcher. Nadat hij uit de regering was gezet, werd hij leider van de oppositie.

In november 1991 probeerde hij een regering te vormen, maar dat mislukte. Daarna hervormde hij de PVV tot de Vlaamse Liberalen en Democraten (VLD). De VLD trok veel politici aan uit de Volksunie (VU) en de Christelijke Volkspartij (CVP), maar slaagde er niet in de CVP voorbij te steken. Verhofstadt nam ontslag en verdween uit het politieke leven.

In 1997 keerde hij terug als partijvoorzitter met een minder radicale uitstraling. Onder invloed van zijn broer Dirk, een sociaal-liberaal politiek filosoof, schoof hij geleidelijk op van het neoliberalisme. Tijdens zijn eerste ambtstermijn als eerste minister werd hij bovendien meer een centrische figuur.

Eerste en tweede regering als premier

Op 12 juli 1999 werd Guy Verhofstadt benoemd tot eerste minister van België. Voor de verkiezingen van 1999 had hij de VLD mee naar de grootste partij in Vlaanderen geleid, met meer dan 22 procent van de stemmen. Daarmee werd hij de eerste liberaal in dat ambt sinds 1938. Zijn regering was ook de eerste Belgische regering zonder christendemocratische partij sinds 1958, en tegelijk de eerste waarin groene partijen waren opgenomen.

Verhofstadt vormde een coalitie met Vlaamse socialisten, groenen en Franstalige tegenhangers in Brussel en Wallonië. In die periode gebruikte hij de economische situatie om de laagste sociale uitkeringen te verhogen en de belastingen te verlagen. Ook richtte hij het Aging Fund, of Silver Fund, op om de pensioenen tot 2030 te helpen veiligstellen. Daarnaast stonden hij en de VLD afwijzend tegenover het toekennen van stemrecht aan niet-EU-inwoners, terwijl ze wel het verkrijgen van het Belgische burgerschap voorstelden en de procedure daarvoor liberaliseerden.

In 2002 ontving hij de Vision for Europe Award. In 2003 sprak hij zich, samen met Frankrijk, Duitsland en Rusland, uit tegen de door de Verenigde Staten geleide invasie van Irak.

Na de federale verkiezingen van 2003 volgde een tweede regeringsvorming. Die werd vertraagd door de verslechterende economische situatie en de verkiezingsresultaten. Uiteindelijk bestond de nieuwe regering uit Open VLD, MR, SP.a en PS, opnieuw als een paarse coalitie, maar dan zonder de groenen. Die tweede regering stemde ermee in de Belgische War Crimes Law te wijzigen onder internationale druk, en beperkte de rechtsmacht van die wet om kritiek op politiek gemotiveerde klachten aan te pakken.

De DHL-crisis rond Zaventem

De eerste interne crisis draaide in de herfst van 2004 om de vraag of DHL zou investeren in Brussels Airport in de Vlaamse gemeente Zaventem. Daarbij speelde ook de kwestie of DHL extra landingsrechten zou krijgen tijdens de nacht op Brussels Airport. Volgens de feiten gebruikte DHL de optie-Zaventem om betere voorwaarden af te dwingen van Leipzig.

BHV-crisis en de verkiezingsjaren 2005-2007

Als premier van België kreeg Guy Verhofstadt te maken met de crisis rond de verdeling van bevoegdheden voor het arrondissement Brussel-Halle-Vilvoorde (BHV). De splitsing van de bevoegdheden voor BHV was opgenomen in het regeerakkoord door de partijen die de Vlaamse regionale regering controleerden, maar dat leidde tot een veto van de Waalse partijen. De crisis bleef aanslepen tot in het voorjaar van 2005 en werd daarna opgeborgen tot na de federale verkiezingen van 2007. Tegen 2005 wilden de Vlaamse regeringspartijen bovendien niet dat de regering zou vallen, onder meer door hun slechte peilingen.

In diezelfde periode sprak Verhofstadt zich ook uit over internationale en communautaire spanningen. Tijdens de oorlog in Libanon in 2006 zei hij dat Israël het recht heeft om zichzelf te verdedigen, maar dat er volgens hem buitensporig geweld werd gebruikt. Hij veroordeelde ook de hoax rond de afscheuring van het Vlaams Parlement als onverantwoord. Die uitzending veroorzaakte grote ongerustheid en consternatie in Franstalig België, en kwam op een moment dat het Vlaams Belang sterke steun kreeg bij de regionale verkiezingen door de opkomende Vlaamse separatisme. De hoax leek bijna werkelijkheid te worden na een zware politieke crisis die de opsplitsing van België suggereerde.

In het najaar van 2005 onderhandelde Verhofstadt ook over een Generatiepact voor werkgelegenheid en sociale hervormingen. Later, in januari 2007, werd hij beëdigd als gemeenteraadslid in Gent. Hij zat daar naast minister Freya Van den Bossche en stelde een bezoek aan de Russische president Vladimir Poetin uit om de eerste zitting van de nieuw verkozen raad bij te wonen. Intussen leidde hij de VLD naar de federale verkiezingen van 2007, na tekenen van vermoeidheid bij de Vlaamse kiezer in de lokale verkiezingen van 2006. Op verkiezingsdag gaf hij toe dat de partij een nederlaag leed en vroeg hij een nieuwe generatie om de VLD te leiden. Zelf zou hij opstappen na de vorming van een nieuwe regering.

Rol in het Europees Parlement

Na de Europese verkiezingen van 2009 in België werd Guy Verhofstadt verkozen tot lid van het Europees Parlement voor de periode 2009-2014. Hij kreeg een mandaat in de Commissie constitutionele zaken en werd op 1 juli 2009 verkozen tot voorzitter van de ALDE-fractie in het Europees Parlement. In juni 2009 werd hij door een coalitie van groenen, socialisten en liberalen naar voren geschoven als mogelijke kandidaat voor het voorzitterschap van de Europese Commissie.

Op 15 september 2010 steunde hij de nieuwe Spinelli Groep. In 2010 was hij ook leider van de liberalen in het Europees Parlement. In 2014 stelde hij zich kandidaat voor de rol van Spitzenkandidat. In september 2016 werd hij benoemd tot vertegenwoordiger van het Europees Parlement voor aangelegenheden die verband houden met Brexit. In november 2016 waarschuwde hij voor een aankomend ring van autocraten.

Vanaf 2019 maakte hij deel uit van de Werkgroep over de Conferentie over de Toekomst van Europa, en tegen 2021 werd hij aangesteld als voorzitter om die conferentie te leiden. Hij bleef lid van de Conferentie van voorzitters van het Europees Parlement tot juli 2019. Op 8 mei 2023 kondigde hij zijn afscheid uit de politiek aan. Op 11 april 2024 leidde hij het Parlement bij een motie om budgettaire middelen aan de Europese Raad te ontzeggen; die motie werd aangenomen met 515 stemmen voor en 62 tegen.

Internationale standpunten en politieke uitspraken

Guy Verhofstadt nam verschillende uitgesproken politieke standpunten in over internationale conflicten en crisissituaties. Hij verzette zich tegen de door de Verenigde Staten geleide invasie van Irak en beschouwde het semester van het Belgisch EU-voorzitterschap in 2001 als voorzichtig in die kwestie. In 2011 veroordeelde hij de dodelijke repressie tegen protesterende burgers tijdens de pro-democratische opstand in Bahrein. Hij stelde dat er in Bahrein protesteerders waren gedood, gemarteld en opgesloten, en benadrukte dat die feiten degelijk onderzocht moesten worden, met gerechtigheid als gevolg. Ook was hij het ermee eens dat de Formule 1 Grand Prix niet naar Bahrein mocht terugkeren zolang die gerechtigheid uitbleef. In 2024 riep hij op tot een staakt-het-vuren tijdens de Israëlische invasie van de Gazastrook. In 2017 verzette hij zich tegen het Catalaanse onafhankelijkheidsreferendum, veroordeelde hij het Spaanse geweld in dat verband en stelde hij dat het referendum geen basisdemocratische legitimiteit had. Ook zei hij dat Carles Puigdemont Catalonië had achtergelaten in chaos en verwoesting.

Europese positie en internationale conflicten

In zijn politieke uitspraken koos Guy Verhofstadt vaak scherp positie over Europese en internationale kwesties. In augustus 2015 pleitte hij voor een hervorming van het asiel- en migratiesysteem van de EU. Hij bekritiseerde toen ook de Britse premier David Cameron en de Franse president François Hollande omdat zij zich verzetten tegen een voorstel voor de verdeling van asielzoekers. Daarnaast riep hij de regeringen van Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en Hongarije op om te stoppen met het bouwen van muren en grensbeveiliging. Volgens hem moest de aandacht meer gaan naar humanitaire hulp in de herkomstlanden van migranten.

Ook over Turkije liet Verhofstadt zich herhaaldelijk uit. In november 2016 stelde hij dat er een brede meerderheid was om de toetredingsgesprekken met Turkije te bevriezen, maar hij voegde eraan toe dat die gesprekken opnieuw moesten starten zodra Turkije aan de voorwaarden voldeed. In mei 2017 beschuldigde hij de Turkse president Recep Tayyip Erdoğan van cynisme omdat die vrijheid van meningsuiting verdedigde.

Zijn kritiek richtte zich eveneens op andere internationale figuren. In april 2015 bekritiseerde hij de Griekse premier Alexis Tsipras na diens ontmoeting met Vladimir Putin. Hij zei toen dat Tsipras moest ophouden Putin tegen de EU uit te spelen en zich moest houden aan gemeenschappelijke regels en ernstige hervormingen. In mei 2015 belandde Verhofstadt zelf op een Russische blacklist die de toegang tot Rusland verbood. In juni 2018 sprak hij over een “cirkel van het kwaad” rond Europa, waarbij hij verwees naar Rusland, Turkije en de Verenigde Staten. Hij noemde Le Pen, Wilders en Farage daarbij de cheerleaders van Putin, en stelde dat leiders als Orbán, Kaczyński en Salvini Europa en de liberale democratie willen vernietigen.

Verhofstadt formuleerde in diezelfde periode ook scherpe morele oordelen. Op 8 september 2017 noemde hij Aung San Suu Kyi een schande.

Brexit als politieke strijd

In januari 2013 noemde Guy Verhofstadt Brexit “stupidity” voor een land waarvan 53 procent van de export naar het continent en Europa ging. Hij zei toen ook dat de Verenigde Staten, de beste vrienden van Groot-Brittannië, Brexit niet begrepen. In februari 2016 stelde hij dat alleen Nigel Farage en Vladimir Putin winnaars van een Brexit zouden zijn. Na het referendum in juli 2016 waarschuwde hij dat het VK op weg was om een tegenstander te worden, in plaats van een vertrouwde partner van de EU. Hij merkte daarbij op dat Theresa May wel tegen Brexit was, maar dat haar anti-Europese vijandigheid slechts in graad verschilde van die van pro-Brexit politici.

In juni 2018 ging Verhofstadt verder met scherpe uitspraken op Twitter. Hij beschuldigde Nigel Farage ervan Kremlin-geld te gebruiken en stelde dat Aaron Banks met de Russen had samengespannen om Brexit te realiseren. In februari 2019 zei hij dat Brexit-leiders zoals Boris Johnson en Jacob Rees-Mogg uiteindelijk op de guillotine zouden belanden. In mei 2019 maakte hij een privégrap met Olly Robbins, de hoofdonderhandelaar van het VK, publiek: hij zei dat hij na Brexit EU-burger wilde worden. Op 10 mei 2019 sloot hij zich in Londen aan bij anti-Brexitbetogers en zei hij dat nationalisme en populisme zo snel mogelijk moesten worden gestopt. Op 25 juli 2019 noemde hij Johnsons belofte om het VK op 31 oktober uit de EU te halen onverantwoordelijk. In september 2019 viel hij ook de woorden aan die Johnson gebruikte tijdens het Brexitproces en noemde die taal uit Europa's donkere verleden. In 2023 herhaalde Verhofstadt zijn kritiek en zei hij dat Brexit de weg had vrijgemaakt voor de Russische invasie van Oekraïne in 2022. Volgens hem zou Putin voorzichtiger zijn geweest met een invasie als Europa op defensievlak meer verenigd was geweest.

Scroll naar boven