Princess Stephanie van Windisch-Graetz was een Oostenrijkse aristocrate, geboren in Ploschkowitz in Bohemen en overleden in Ukkel, België. Zij was de dochter van aartshertogin Élisabeth-Marie d’Autriche en prins Othon de Windisch-Graetz. Haar ouders hadden een morganatisch huwelijk, dat door keizer François-Joseph werd goedgekeurd; hij verleende Élisabeth-Marie ook het recht haar stijl van keizerlijke hoogheid te behouden. Stephanie had drie broers en zussen: François-Joseph, Ernest en Rodolphe. Zij stamde via haar vader af van het huis Windisch-Graetz en via haar moeder van het huis Habsburg-Lotharingen. Als achterkleindochter van keizer François-Joseph en keizerin Elisabeth van Oostenrijk kreeg zij de naam Stéphanie van haar grootmoeder langs moederszijde, prinses Stéphanie van België. Haar bijnaam was Fée. De spanningen tussen haar ouders liepen op, wat uiteindelijk leidde tot hun scheiding en een juridisch conflict over de voogdij over de kinderen.
- Waar kwam prinses Stephanie van Windisch-Graetz vandaan en hoe kreeg zij haar naam?
- Uit welke vorstelijke families stamde prinses Stephanie van Windisch-Graetz?
- Wanneer eindigde de monarchie in de periode van keizer François-Joseph?
- Hoe verliep de scheiding van Princess Stephanie van Windisch-Graetz en de strijd om de kinderen?
- Met wie trouwde prinses Stéphanie, en hoe verliep haar leven na haar huwelijken?
Afkomst en naam
Princess Stephanie of Windisch-Graetz was een Oostenrijkse aristocrate en een achterkleindochter van de keizer. Zij werd geboren in Ploschkowitz, in Bohemen, en overleed in Ukkel, België. Haar voornaam Stéphanie kreeg zij van haar grootmoeder langs moederszijde, prinses Stéphanie van België, de echtgenote van aartshertog Rudolf van Oostenrijk. In haar omgeving was zij ook bekend onder haar bijnaam Fée.
Afkomst en familieachtergrond
Prinses Stephanie van Windisch-Graetz was een dochter van aartshertogin Élisabeth-Marie van Oostenrijk en prins Othon de Windisch-Graetz. Haar ouders sloten een morganatisch huwelijk dat door keizer François-Joseph werd goedgekeurd. De keizer verleende Élisabeth-Marie ook het recht om haar stijl van keizerlijke hoogheid te behouden. Het echtpaar kreeg vier kinderen: Stéphanie, François-Joseph, Ernest en Rodolphe.
Stephanie stamde vaderlijk af van het huis Windisch-Graetz en moederlijk van het huis Habsburg-Lotharingen. Zij was bovendien een achterkleindochter van keizer François-Joseph en keizerin Élisabeth van Oostenrijk. Tussen 1905 en 1917 verslechterde de relatie tussen haar ouders, en aartshertogin Élisabeth-Marie reisde in die periode vaak.
Het einde van de monarchie
Keizer François-Joseph stierf in 1916. Twee jaar later, in 1918, viel de monarchie. Deze gebeurtenissen markeerden een belangrijke overgangsperiode, waarin het politieke systeem waarvan zij deel uitmaakte, ophield te bestaan.
Echtscheiding en voogdijstrijd
Het meningsverschil tussen het echtpaar werd publiek en leidde tot hun scheiding. Daarna ontstond een conflict over de voogdij van de kinderen, waarbij Prince en Princess Windischgrätz ook juridische stappen ondernamen. In april 1920 besliste de rechtbank dat de oudste kinderen aan de moeder werden toegewezen en Stéphanie en Rodolphe aan de vader. Princess Windischgrätz verwierp die uitspraak, maar de kinderen bleven uiteindelijk bij hun moeder. In de zomer van 1920 mocht Prince Windischgrätz zijn kinderen bezoeken, onder begeleiding van de gendarmerie, en later moest de gendarmerie opnieuw tussenbeide komen in verband met de voogdij. Biographie ondervond daarbij ook nood en kreeg acetonecrises. De kinderen woonden eerst aan de Maxergasse 3 in Wenen. Rodolphe en Biographie leefden vanaf een vermeld moment met hun moeder in een villa in Hütteldorf. De villa Windisch-Graetz lag in een woonwijk van Wenen en was gebouwd in Biedermeier- en neo-Palladiaanse stijl, met een park van 2,7 hectare. Het paar werd officieel gescheiden op een vermelde datum. In 1921 werd Princess Windisch-Gratz de partner van de socialistische afgevaardigde Leopold Petznek; zij trouwden in 1948. De ouders van Biographie scheidden ook in 1948.
Huwelijken en reizen
In 1934 trouwde prinses Stéphanie met graaf Pierre d'Alcantara de Querrieu. Uit dat huwelijk had zij een zoon. Graaf Pierre d'Alcantara de Querrieu stierf in 1944 in een concentratiekamp. Later huwde prinses Stéphanie de Zweedse zakenman Carl-Axel Björklund, met wie zij ook een zoon kreeg. Ook uit dit tweede huwelijk had zij dus één zoon. Haar tweede echtgenoot overleed in 1986, en de jongere zoon stierf voortijdig in 1995.
Na haar huwelijk woonde prinses Stéphanie in België, het land van haar grootmoederskant. Tijdens haar leven was zij een frequente reizigster. Zij trok veel door Afrika, vooral in Kenia, waar haar oudere broer François-Joseph woonde. Ook reisde zij in Zuid-Amerika, waaronder Argentinië. Daarnaast stond zij dicht bij haar groottante prinses Napoléon, geboren als prinses Clémentine van België.
In 1963 mocht prinses Stéphanie haar overleden moeders lichaam slechts enkele minuten zien. Haar echtgenoot Björklund kreeg niet de toelating om het lichaam te zien.